11 december 2019 - Mensenrechten - Gender - Suzy Serneels

25 jaar geleden werd de "Bejing Verklaring en Platform voor Actie" aangenomen door de 189 aanwezige landen in Bejing, China. Het is nog steeds één van de meest vooruitstrevende politieke verklaringen voor het verzekeren van fundamentele rechten van vrouwen en meisjes en het wegwerken van ongelijkheid.

Vandaag is het tijd om een balans op te maken. De Adviesraad Gender en Ontwikkeling organiseerde op 29 november een conferentie waarop internationale sprekers en vertegenwoordigers van middenveldorganisaties en de Belgische ontwikkelingssamenwerking nadachten over de uitdagingen voor de rechten van vrouwen en meisjes in huidige context. In de getuigenissen vanop het terrein, het paneldebat en de werkgroepen na de middag kwamen een paar onderwerpen steeds terug.

Gendergelijkheid? We zijn er nog lang niet!

Dagmar Schumacher, directeur van VN Women in Brussel, toonde meteen aan dat we nog niet op onze lauweren kunnen rusten. Geen enkel land ter wereld kent al volledige gendergelijkheid. Er is weliswaar vooruitgang geboekt de afgelopen 25 jaar. Er is minder discriminerende wetgeving, meer meisjes gaan naar school, er sterven minder vrouwen in het kraambed en er zitten meer vrouwen in parlementen en de politiek. Maar op heel wat vlakken trappelen we ter plaatse, of gaan we weer achteruit. De genderkloof in tewerkstelling is niet veranderd, vrouwen doen nog steeds drie keer meer onbetaald huishoudelijk werk dan mannen en de financiële middelen voor gendergelijkheid in de ontwikkelingssamenwerking dalen. Alison Holder, die de nieuwe 'SDG gender index' kwam voorstellen, toonde aan dat 40% van de meisjes en vrouwen wonen in landen die een score "heel slecht" krijgen op gendergelijkheid.

© Tineke D’haese/OXFAM

Vechten voor behoud van rechten

40% van de meisjes en vrouwen wonen in landen die heel slecht scoren op gendergelijkheid.

Verschillende sprekers waarschuwden voor de opkomst van populistische regeringen, conservatieve geloofsgroepen en extreem rechtse groeperingen die de verworvenheden op vlak van gendergelijkheid steeds meer in vraag stellen, ook in Europa. Deze groepen vinden het streven naar gendergelijkheid een aanslag op de verhoudingen in het "traditionele" gezin en verdedigen het patriarchaal systeem. Tegenwoordig vechten heel wat vrouwenrechtenactivisten vooral voor het behoud van verworvenheden in plaats van vooruitgang te boeken op vlak van gendergelijkheid.

Wetgeving alleen is niet genoeg

Hoewel wetgeving die gelijke rechten erkent uiterst belangrijk is, en een noodzakelijke voorwaarde om vooruitgang te boeken, is het geen eindpunt, maar slechts een begin. Cuba heeft heel vooruitstrevende wetgeving met gelijke toegang tot grond voor vrouwen en mannen, maar toch is slechts 12% van de grondeigenaars een vrouw. We moeten dus ook werken aan mentaliteitswijziging, bestaande machtsverhoudingen in vraag durven stellen en ervoor zorgen dat vrouwen ook de tijd krijgen om economisch actief te worden. Wereldwijd heeft wetgeving ervoor gezorgd dat steeds meer meisjes naar school gaan, maar vaak is de school of universiteit geen veilige omgeving voor hen. Integendeel, ze worden er lastig gevallen of sexueel geïntimideerd.

Onderwijs is cruciaal om meisjes te vormen, hun kans op werk te vergroten en hen beter te wapenen tegen familiaal geweld.

– Magda de Meyer, voorzitter Vrouwenraad

Mainstreaming kost geld

Verandering kost geld. Vrouwenorganisaties die strijden voor gelijke rechten worden wereldwijd ondergefinancierd. Ze krijgen slechts een fractie van de officiële ontwikkelingssamenwerkingsbudgetten, hoewel ze belangrijk werk doen en verandering teweeg brengen aan de basis.

Als we gender echt als een transversaal gegeven willen zien in ontwikkelingsprogramma’s, dan moeten we ook bereid zijn om te werken aan machtsverhoudingen. En dan wordt het ingewikkeld, en contextafhankelijk, en niet te vatten in kortlopende projecten en logische kaders. Genderrelaties veranderen vraagt tijd en vertrouwen. Hebben we die wel in onze financieringslogica?

– Miriam Bacquelaine, adjunct-directeur van de Verenigde Naties

We want system change!

"Vrouwen worden gezien als nieuwe economische actoren in Latijns Amerika, maar zijn nauwelijks aanwezig in de politieke sferen. Hoe kan het ook anders als je weet dat ze 16 uur per dag werken?" aldus Isabel Yépes Del Castillo. Zowel jonge vrouwen als inheemse vrouwen klagen het geweld aan op alle niveaus van de samenleving en bekritiseren het neoliberale en kapitalistische systeem, vulde Patricia Ruiz Bravo aan. Vrouwen willen een ander systeem, waar mens en planeet voorrang krijgen op economische winst. Een "feministisch" samenlevingsmodel waarin ook "mannelijkheid" een nieuwe definitie krijgt.