20 november 2020 - Suzy Serneels

Volgens het regeerakkoord van de regering-De Croo krijgt voedselzekerheid en het recht op voedsel opnieuw een centrale plaats in het beleid voor ontwikkelingssamenwerking. Zal deze belofte kunnen waargemaakt worden? We nemen de beleidsnota van Meryame Kitir, onze nieuwe minister van Ontwikkelingssamenwerking (en Grootstedelijk Beleid), onder de loep en formuleren samen met de Coalitie tegen de Honger enkele adviezen voor het concreet uitvoeren van goede intenties.

We hebben 661 dagen moeten wachten, maar begin oktober was het zo ver: regering-De Croo legde de eed af. Begin november publiceerden de ministers hun beleidsnota’s met daarin de prioriteiten voor de beleidsperiode. Wij keken met spanning uit naar de nota van Meryame Kitir, onze nieuwe minister van Ontwikkelingssamenwerking (en Grootstedelijk Beleid).

Hernieuwde aandacht voor recht op voedsel en agro-ecologie

De beleidsverklaring van minister Kitir is veelbelovend. Voedselzekerheid staat opnieuw centraal, en de belangrijke rol die kleinschalige landbouw daarin speelt, wordt erkend. De minister wil ook 15 % van de beschikbare middelen besteden aan de strijd tegen honger. Deze hernieuwde aandacht is meer dan nodig, gezien de toegenomen voedselonzekerheid van de voorbije vijf jaar en de verslechterde situatie van kwetsbare groepen als gevolg van de coronacrisis.

We willen de landbouwstrategie op de leest van duurzame voedselsystemen schoeien.

De minister wil inzetten op agro-ecologie als manier om voedselsystemen op duurzame wijze te veranderen en erkent het recht op voedsel als een pijler van duurzame voedselsystemen. Dat kunnen we alleen maar toejuichen, want het is nu wel duidelijk dat het landbouwmodel gesteund op de groene revolutie niet heeft geleid tot meer voedselzekerheid, maar eerder tot meer ongelijkheid, plattelandsvlucht en enorme milieuschade.

We zijn ook blij met de hernieuwde aandacht voor beleidscoherentie voor ontwikkeling, want de Coalitie tegen Honger heeft al meermaals gewezen op voorbeelden van incoherentie in het ontwikkelingsbeleid en met andere beleidsdomeinen zoals handel.

Er is ook enige continuïteit met het beleid van haar voorganger. Zo blijft de minister investeren in waardeketens, maar wel met de bezorgdheid rond waardig werk en belang voor de armsten. De minister houdt vast aan samenwerking met de private sector, maar legt de nadruk op de verantwoordelijkheden van de private sector inzake het respect voor milieunormen en waardig werk. Wij stellen voor dat de minister zich vooral richt op de sociale en solidaire economie en ondersteuning van MKMO’s als essentiële hefbomen om de doelstellingen rond voedselzekerheid te bereiken.

Nood aan concrete uitwerking

Kortom, een ambitieuze beleidsnota waarin prioriteiten worden gesteld om voedselzekerheid te garanderen in de partnerlanden van België. Er blijven nog onduidelijkheden over de concrete uitwerking van de geformuleerde doelstellingen en de instrumenten die daarvoor ingezet zullen worden. Het lijkt ons ook noodzakelijk om de strategie van de Belgische ontwikkelingssamenwerking op vlak van landbouw en voedselzekerheid te herzien om de ambities van de beleidsnota waar te kunnen maken en de nodige veranderingen in te zetten. Wij hopen dat dit zal gebeuren in nauwe samenwerking met het maatschappelijk middenveld.

Lees het advies van de Coalitie van de Honger

© Afbeelding Meryame Kitir, 20 juni 2019, DenisDDN, CC BY-SA 4.0, via Wikimedia Commons