17 Januari 2014 - Inspraak en vrede - Congo - Nadia Nsayi

In 2013 bleef Oost-Congo in de ban van de rebellenbeweging M23. Op 24 februari ondertekenden Congo, tien Afrikaanse landen en vier organisaties een vredesakkoord.

Een maand later werd een interventiebrigade ontplooid binnen de VN-vredesmacht MONUSCO in Noord-Kivu. Op Congolees niveau werden maatregelen getroffen om het leger te versterken in de strijd tegen M23. Midden 2013 was de rebellengroep verzwakt door interne tegenstellingen en de uitlevering van Bosco Ntaganda aan het Internationaal Strafhof. Tot slot werd druk uitgeoefend op Rwanda om zijn steun aan M23 te stoppen.

Hoopvol moment

Deze factoren waren cruciaal voor de militaire overwinning op M23. Eind oktober bevrijdden het Congolese leger en de VN-brigade de gebieden die meer dan een jaar bezet werden door M23. De rebellenleiders vluchtten naar Rwanda en Oeganda. Volgens de Congolese journalist Chrispin Mvano - in december jl. in België op uitnodiging van MO-magazine - is de overwinning ook de grote verdienste van lokale organisaties en de gewone bevolking die 'hun' militairen steunden.

De nederlaag van M23 was een hoopvol moment. Congolese autoriteiten toonden eindelijk de politieke wil om de rebellen aan te pakken, militairen gedroegen zich doeltreffend en de bevolking geloofde weer in vrede, ondanks de aanwezigheid van andere gewapende groepen.

Poging tot staatsgreep?

Van oud naar nieuw werd de hoop op een betere toekomst bruusk verstoord door twee gebeurtenissen. Op 30 december vielen jonge mannen drie strategische plaatsen aan in de hoofdstad Kinshasa: de luchthaven, het hoofdkwartier van het leger en de staatsomroep. Op quasi hetzelfde ogenblik werd in het oosten van het land de luchthaven van Kindu (Maniema) aangevallen en vonden er onlusten plaats in de provincie Katanga. De mannen zouden aanhangers zijn van een religieuze leider en een opposant van president Kabila.

Volgens de Congolese regering kwamen meer dan 100 mensen om het leven. Het gemak waarmee de mannen strategische plaatsten hebben kunnen aanvallen, wijst op medeplichtigheid van veiligheidsdiensten. De aanvallers waren onvoldoende gewapend om te spreken van poging tot staatsgreep. Maar de gebeurtenissen tonen wel de kwetsbaarheid aan van het Kabila-regime, dat gebukt gaat onder een sluimerende politieke crisis sinds de controversiële verkiezingen van 2011 en door het ongenoegen over het beleid.

Moord op populaire militair

De overwinning op M23 was zeker ook de verdienste van kolonel Mamadou Ndala, die de operaties tegen de rebellen leidde. De moord op de populaire Ndala, op 2 januari 2014, sloeg in als een bom. De eerste onderzoeksresultaten wijzen in de richting van elementen uit het Congolese leger. Deze gebeurtenis is een zware opdoffer voor het vredesproces. Ndala poetste het imago van het leger op. Nu moet Congo een waardige vervanger vinden voor de militaire operaties tegen andere rebellen. Ndala's fysieke uitschakeling wekt meer wantrouwen en spanning binnen het leger. Tot slot is zijn verdwijning een groot verlies voor hen die in Ndala een symbool zagen van een nieuwe generatie moedige en gedisciplineerde Congolese militairen.

Onze partners in Oost-Congo en vele andere Congolezen hebben voor 2014 één wens: vrede in hun land. Broederlijk Delen en Pax Christi menen dat die er kan komen wanneer de Congolese autoriteiten, de buurlanden en de internationale gemeenschap, ook België, hun krachten bundelen om hun verbintenissen in het kaderakkoord na te komen en uit te voeren.