Gemekker bij FECCEG

Een federatie die kleinschalige Guatemalteekse koffieproducenten vertegenwoordigt, daar verwacht je niet bepaald gemekker. En neen, er wordt bij Federación de Café Especial de Guatemala (kortweg FECCEG) niet ‘gemekkerd’ over de lage koffieprijzen. Wat hebben geiten dan met koffie?

FECCEG zet sterk in op een geïntegreerd landbouwsysteem. Dieren spelen daarbij een belangrijke rol. Naast het produceren van mest, voorzien dieren een gezin ook van eieren, melk of vlees. Daarom promoten vele organisaties een geit als de oplossing voor voedselonzekerheid.

Denk je dan ook kritisch : “Waarom een geit?”.

Veldbezoeken en discussies binnen het team leren me echter dat de zaken net iets ingewikkelder zijn. Een geit geeft melk. Maar dan moet ze eerst geitjes op de wereld zetten. En laat dat nu vaak een probleem zijn. Luister.

Vorige week ontmoette ik de trotse eigenares van een geit. Een prachtexemplaar. Gezond, met veel energie. De eigenares kreeg de geit, vlak na de geboorte, via een overheidsprogramma. Hoewel ze niet wist hoe haar geitje te voederen, overleefde het diertje en vierde het onlangs zijn eerste verjaardag. Daarnaast heeft de vrouw geen idee wanneer haar geit bronstig is. En weet ze niet waar ze een bok kan vinden voor het dekken. De geit krijgt dus al een jaar lang te eten, zonder opbrengst te geven. Toch is de eigenares blij omdat de geit mest produceert. Hoewel ze - ze heeft 8 varkens en 1 koe - bijna een mestoverschot heeft op haar kleine perceel.

Fecceg geeft niet zomaar een geit cadeau, maar zorgt wel voor technische ondersteuning. Zo trok mijn collega naar Costa Rica voor een cursus op een grote geitenmelkerij. Maar laat de context van de kleinschalige boer in Guatemala nu net iets anders zijn…

In Guatemala, staan de vrouwen in voor de zorg van dieren. Ze zijn vooral vertrouwd met kippen en kalkoenen. Deze dieren geven dan wel geen melk, maar leggen eieren en zijn gemakkelijk om in soep te verwerken. Bovendien nemen ze minder ruimte in en vragen minder zorg dan een geitje.

Maar de centjes voor het geitenproject zijn goedgekeurd. Dus moeten we op zoek naar een manier om er het beste van te maken. Want mits de juiste omkadering, heeft het houden van geiten voordelen.

Etnoveterinarische praktijken, wablief?

De zoektocht naar een meer agro-ecologische benadering voor het geitenproject leidt ons naar een cursus “Etnoveterinarische praktijken”.
Etnoveterinarisch is het teruggrijpen naar kennis van de grootouders over de huisvesting, voeding en behandeling van ziektes bij dieren. Dit gebeurt met lokaal beschikbare en natuurlijke middelen. Het doel is meer autonomie op gemeenschapsniveau te creëren.

Belangrijk hierbij is de opwaardering van lokale dierenrassen. Nu worden vaak “verbeterde rassen” geïntroduceerd. Maar die overleven vaak niet zonder de specifieke verzorging, voeding en medicatie. Ook in België probeert men trouwens streekeigen geitenrassen te bewaren.

Met de cursisten bezoeken we “Granjita Cony”. Hier woont een gezin van 14 personen (van 9 tot 88 jaar). Op een oppervlakte van 2 Cuerdas (±800 m2) houden ze 5 koeien, 4 schapen, 7 geiten en 6 varkens. Ze hebben ook konijnen, kippen, ganzen en eenden.

Tijdens de aardbeving van 2012 werd alles vernietigd. Minder dan drie jaar hadden ze nodig om alles terug op te bouwen met het materiaal van hun vernielde huis.

Ze werken sterk volgens de etnoveterinarische insteek. Het belang van diversificatie wordt heel duidelijk. Elk dier draagt op zijn manier bij aan het onderhoud van het gezin. Verzamelde mest wordt omgezet in biogas dankzij een gistingsproces. Een uitgebreide moestuin met medicinale planten waarborgt de eerste hulp voor mens en dier. Wanneer ze toch moeten koken op hout, wordt tegelijk water om te baden verwarmd dankzij een buizensysteem.

Optimaal gebruik van lokale middelen: hier zie je het in de praktijk! Iedereen keert gemotiveerd naar huis. Granjita Cony laat zien dat dieren die een onderdeel vormen van een geïntegreerd landbouwsysteem bijdragen aan een “buen vivir” (goed leven) voor de familie.

Goedbedoeld geitenproject

Geiten worden vaak goedbedoeld cadeau gegeven, met de verbintenis dat de volgende generatie aan een buur gegeven worden. En wie zegt er “nee”, tegen een cadeau?

Maar er worden nog steeds dezelfde fouten gemaakt. Lokale organisaties zijn vaak niet voldoende opgeleid. Ze hebben geen kennis van ziektes, doodsoorzaken of voortplanting. Bovendien werken ze niet volgens een gestructureerde agro-ecologische visie. Zo’n geef-politiek past perfect in het kraam van de meeste politieke partijen, die momenteel in volle verkiezingsstrijd zitten. Zolang de mensen gesust worden met cadeautjes, eisen ze geen structurele veranderingen.

Hier ligt een belangrijke, maar moeilijke taak voor Broederlijk Delen: veelbelovende partnerorganisaties zoals FECCEG ondersteunen om een echte agro-ecologische visie en praktijk uit te bouwen. Als vrijwilliger daar een klein jaartje in mogen meedraaien is een ontzettend leerzame ervaring.