Het akkoord over de organisatie van nieuwe verkiezingen betekent een belangrijke stap naar een vreedzame uitweg uit de gewelddadige politieke crisis in Bolivia. Samen met haar partnerorganisaties roept Broederlijk Delen op tot dialoog en respect voor de mensenrechten.

Op 20 oktober vonden presidentsverkiezingen plaats in Bolivia. Evo Morales riep zich uit tot winnaar, maar de uitslag werd meteen betwist. Daarop volgden drie weken van onrust en protesten, met op verschillende plaatsen ook gewelddadige confrontaties.

Op 10 november publiceerde de OAS (Organisatie van Amerikaanse Staten) een rapport met de oproep tot nieuwe verkiezingen vanwege “ernstige onregelmatigheden in het verkiezings- en telproces”. Niet veel later werd Morales door het leger en de politiechef “aangeraden” om af te treden, wat hij samen met vicepresident Linera en vele MAS-ambtenaren ook deed. Morales kreeg politiek asiel in Mexico. Een deel van de bevolking reageerde euforisch. Maar het gevolg was ook een machtsvacuüm. Deze situatie gaf aanleiding tot plunderingen, brandstichting en vandalisme.

© Abad Miranda (Captur-Arte)

Diepe polarisatie

Op 12 november riep de tweede vicevoorzitter van de Senaat en felle tegenstander van Morales, de (extreem)rechts-katholieke  Jeanine Añez, zich op een zeer omstreden manier uit tot interim-president. Añez, die in deze verkiezingen de kandidatuur van Morales’ uitdager Carlos Mesa steunde, baseerde zich naar eigen zeggen op een bepaling in de grondwet. Maar of haar positie al dan niet officieel moest erkend worden door het parlement, blijft een punt van discussie.

Sindsdien werd het conflict vanwege beide kampen verder op de spits gedreven. De interim-regering koos voor harde politierepressie en versterking van het leger. Zo werd er een decreet goedgekeurd dat leger en politie vrijstelt van juridische vervolging bij zelfverdediging of in gevaarlijke situaties. Maar ook bepaalde protestacties door de achterban van Morales verliepen gewelddadig. Het resultaat is een maatschappelijk klimaat van angst, valse informatieverspreiding, onderling wantrouwen en diepe polarisatie – zowel in de steden als in de gemeenschappen op het platteland.

Nieuwe verkiezingen

Toch is er hoop op beterschap. Op zondag 25 november werd door het parlement, na lang onderhandelen, een wet goedgekeurd die de verkiezingen van 20 oktober ongeldig verklaart en nieuwe verkiezingen goedkeurt binnen de 120 dagen, na het aanduiden van een nieuw kiestribunaal. De interim-regering stelt zich open voor het eventueel afschaffen van het decreet dat amnestie verleent aan het leger.

De rust lijkt voorlopig terug te keren. In El Alto, La Paz en Cochabamba worden wegblokkades opgeheven. Het wordt afwachten wie zich nu officieel kandidaat zal stellen. Morales en Linera mogen dat alvast niet doen. De MAS kan als partij wel nieuwe kandidaten naar voren schuiven. Camacho en Pumari, de twee leiders van de burgercomités in respectievelijk Santa Cruz en Potosi, overwegen een gezamenlijke kandidatuur.

© Abad Miranda (Captur-Arte)

Ons standpunt

Samen met onze partners in Bolivia zijn we bezorgd om de sociale verworvenheden van het Proceso de Cambio (Veranderingsproces) die de voorbije dertien jaar onder Evo Morales gerealiseerd werden. Het is belangrijk dat deze verwezenlijkingen overeind blijven. Tegelijk is het noodzakelijk om vernieuwende, genuanceerde en gematigde visies een kans te geven. Ook inheemse bevolkingsgroepen die kritisch zijn voor het beleid van Morales moeten daarbij gehoord worden. In de afgelopen maand gebeurde dat niet.

Het is noodzakelijk dat er grondig en onafhankelijk onderzoek komt naar de verantwoordelijkheid voor de gewonden en doden tijdens de gewelddadige confrontaties in Cochabamba en El Alto. De omstandigheden lieten tot nu toe niet toe om dergelijk onderzoek uit te voeren. Zowel de Inter-Amerikaanse Commissie voor de Mensenrechten als de Verenigde Naties zijn met een commissie ter plaatse om mensenrechtenschendingen te onderzoeken.

Samen met ons internationale netwerk CIDSE roepen we de Europese Unie op om een neutrale positie in te nemen en de rol van bemiddelaar te spelen. De verantwoordelijkheden voor de politieke en sociale crisis, langs beide kanten, moeten daarbij erkend en aangeklaagd worden.