04 mei 2020 - Burundi

Burundi bleef lang een van de koppigste ontkenners van het coronavirus. De pandemie lijkt onder controle, de president heeft het zelfs over een unieke goddelijke bescherming. De vrije en kritische pers, die vooral vanuit het buitenland opereert, waarschuwt voor een doofpotoperatie die het leven van ontelbare Burundezen in gevaar brengt. Onze coöperant in Bujumbura, Paul Bottelberge brengt verslag uit.

Het is lange tijd wachten op nieuws. Pas op 31 maart stuurt het Ministerie van Gezondheid een officële nota uit: "Er zijn twee geconfirmeerde gevallen, een man van 56 en een andere van 42. Ze kwamen beiden van Dubai, een van hen had een tussenlanding gemaakt in Rwanda." De teneur van de nota is duidelijk: de Burundese overheid heeft alles onder controle. Enkel een paar reizigers uit het buitenland, en dan nog uit het Rwanda, testen positief.  

Op 11 april zijn er nog steeds slechts vijf positieve gevallen. Twee dagen later, wordt een eerste dode gerapporteerd. Op 21 april worden er vijf nieuwe gevallen positief getest, terwijl een paar van de eerste gevallen genezen worden verklaard en het hospitaal mogen verlaten. Eind april is de balans nog steeds slechts 15 bevestigde gevallen en slechts een dode.  

Het dagelijkse leven gaat zijn gang

Terwijl de meeste buurlanden – Rwanda, Uganda, Kenya, zelfs Congo – al eind maart strenge maatregelen uitvaardigen, blijft de Burundese overheid aan de oppervlakte en maant het de mensen aan om "regelmatig hun handen te wassen, en uiterst voorzichtig te zijn." De bistrots, restaurants, winkels, markten, scholen, openbaar vervoer, zelfs voetbalmatchen, blijven normaal functioneren. 

De berichtgeving is redelijk positief: weinig besmettingen, goede contactopvolging, voldoende testen en quarantaine voor zij die besmet zijn. De pandemie lijkt onder controle. De president heeft het over een unieke goddelijke bescherming van Burundi.

De pandemie lijkt onder controle. De president heeft het over een unieke goddelijke bescherming van Burundi.

Aanvankelijk wanen ook wij ons gelukkig dat we niet in België opgesloten zitten. We blijven dagelijks naar kantoor gaan en samen werken met collega’s en partners, zij het dat we niet langer handen schudden en we onszelf aan een streng regime van handenwassen en temperatuuropname onderwerpen. Ikzelf volg bovendien nog een paar wijsheden die ik Marc Van Ranst op het VRT nieuws en Terzake hoor zeggen: afstand houden en drukke vergaderingen en bijeenkomsten vermijden. Ik voel me ook aangemoedigd om actief te blijven; ik ga twee à drie avonden per week naar de lokale tafeltennisclub en in het weekend waag ik me aan een fietstocht in de steile heuvels rondom Bujumbura. Na de inspanning brengen we een bezoekje aan een bistro of restaurant met een ruime tuin en weinig volk. In vergelijking met de complete lockdown in België en sommige buurlanden, mogen we niet klagen. Het sociale leven in Bujumbura in coronatijden is vooralsnog best leefbaar. 

Kritische stemmen laten zich horen

De vrije en kritische pers, die vooral vanuit het buitenland opereert, gewaagt van een doofpotoperatie die het leven van ontelbare Burundezen in gevaar brengt. De verspreiding van het virus zou niet systematisch worden opgevolgd.

De vrije en kritische pers gewaagt van een doofpotoperatie.

Er wordt bovendien bericht dat honderden Burundese zakenlui, grensarbeiders en studenten die terugkeren naar Burundi, in quarantaine worden geplaatst in armtierige ziekenhuizen, hotels of scholen. Ze verblijven met velen samen op een kamer, in miserabele omstandigheden. Niet alleen onmenselijk, maar mogelijks een gigantisch risico op besmetting.

Activiteiten worden opgeschort

 Intussen begint de sfeer in de straten om te slaan. Tijdens onze fietstochten krijgen we verwijten naar ons hoofd geslingerd, eerst door onschuldige kinderen, maar geleidelijk ook door volwassenen. "Jij blanke, jij brengt hier corona."

Onze lokale partners volgen de overheidsmaatregelen maar hebben twijfels over de juistheid ervan.

De Burundese overheid is niet opgezet met internationale organisaties die hun kantoren sluiten en het veldwerk stilleggen. Men spreekt van 'sabotage'. Hoewel het kantoor van Broederlijk Delen officieel open blijft, worden veldbezoeken, vergaderingen en vormingen discreet opgeschort. Onze partners volgen de overheidsmaatregelen op maar worstelen met onzekerheid en twijfel over de juistheid ervan. Het lijkt erop dat de impact op het platteland beperkt blijft, waardoor mensen voorlopig niet extra worden bedreigd in termen van voedselzekerheid.​

Veel Burundezen werken in de informele sector, leven van dag op dag. Sociale zekerheid, werkloosheidsvergoeding of steunmaatregelen zijn onbestaande. Een lockdown zou een ramp betekenen voor de armere mensen en hen dwingen tot alternatieve overlevingsstrategieën. Buitenlanders zouden dan mogelijks een target kunnen worden. Omwille van dit risico op sociale en politieke onrust, naast het gezondheidsrisico, worden onze medewerkers uit Burundi geëvacueerd.

Verkiezingen komen eraan  

Eens terug in België volgen we de toestand in Burundi verder op. ​Op 20 mei zijn er verkiezingen gepland. De vorige verkiezingen in Burundi leidden steevast tot onrust en extreem geweld. De huidige president Pierre Nkurunziza is een ex-rebellenleider die aan de macht kwam aan het einde van de burgeroorlog in 2005, een oorlog die 300.000 slachtoffers maakte. De partij aan de macht, de CNDD-FDD (Conseil National Pour la Défense de la Démocratie–Forces pour la Défense de la Démocratie), heeft een opvolger aangeduid: Evariste Ndayishimiye. De belangrijkste opposant, Rwasa Agathon, van de CNL partij (Congrès national pour la Liberté), zou in normale omstandigheden niet totaal kansloos zijn.

Politici overal ter wereld vinden een crisis handig om hun macht en positie te versterken. Hoe zal dat eraan toegaan in een land als Burundi met een recente geschiedenis van cyclisch extreem geweld?

In tegenstelling tot België vind ik hier geen mensen om de politieke dynamiek openlijk en grondig te analyseren. Veel Burundezen zijn precies nog ernstig getraumatiseerd. Het lijkt wel een taboe om over politiek en verkiezingen te praten.  Iedereen hoopt dat er geen heropflakkering van geweld komt, maar niemand durft het uit te sluiten.       

Corona kan de verkiezingscampagne alvast niet tegenhouden. De campagne werd ingezet met massabijeenkomsten, zonder enige voorzorgsmaatregelen. ​Geen handhygiëne, geen fysieke afstand, geen mondmaskers.​ Enthousiaste Burundezen uit alle uithoeken van het land woonden deze bijeenkomsten bij, ondanks pogingen van het regime om dat te laten hinderen door politie, militairen, paramilitaire jeugdgroepen (de fameuze 'imbonerakure') en door het sluiten van transportdiensten en benzinestations. 

Ofwel mondt dit uit in een ramp ofwel moeten we erkennen dat het virus in Afrika en zeker in Burundi niet hetzelfde verloop kent als in grote delen van Azië, Europa of Noord-Amerika.

Slaagt Burundi erin het virus in te dammen?

Het aantal besmettingen in Afrika is momenteel minder dramatisch dan oorspronkelijk gedacht, en dit ondanks een onbetwistbaar zwak en zelfs falend gezondheidssysteem – Burundi beschikt over twee beademingsmachines – en een sociaal-economische context waar fysieke afstand en quarantaine eenvoudigweg onmogelijk is. Er wordt nu meer en meer rekening gehouden met een mogelijke piek in Afrika, niet binnen een paar weken, maar eerder binnen zes maanden.

Zou het kunnen dat de aanpak van de Burundese overheid heeft gewerkt? Een soort Zweden van het zwarte continent.

Ja, we moeten rekening houden met een mogelijke grove onderschatting, ontkenning of wegmoffelen van het probleem, om politieke redenen. Maar zou het kunnen dat de aanpak van de Burundese overheid heeft gewerkt? Een soort Zweden van het zwarte continent. In Burundi heeft men zich toegelegd op de controle van inkomende reizigers en op het stopzetten van het normale luchtverkeer.  Daarnaast heeft men vooral ingezet op handhygiëne en een verdienstelijke poging ondernomen om contactpersonen op te sporen.

Bovendien hebben vele Afrikaanse overheden kennis en ervaring opgebouwd bij het controleren en mitigeren van andere virussen. HIV/aids en ebola werden relatief succesvol aangepakt via sensibilisatie, duizenden goed getrainde voorlichters, contactopvolging, isolatie, autoritair dichtgooien van bepaalde gebieden. De aanwezigheid van vele virale infecties bezorgt de Afrikaanse bevolking misschien een betere immuniteit. Je merkt ook dat men in Afrika soms sneller nieuwe behandelingen toepast, zoals in het geval van COVID-19 met chloroquine. Af en toe biedt Afrika zelfs verassende technologische hoogstandjes, zo zou het Pasteur Instituut in Senegal een effectieve coronatest hebben ontwikkeld. 

Vele Afrikaanse landen hebben een overwegend jonge bevolking. De gemiddelde leeftijd in België is 40 jaar, die in Afrikaanse landen minder dan 20 jaar. Zo'n 70 % van de Afrikaanse bevolking is jonger dan 30. Ook de tropische warmte of vochtigheid zou een rol kunnen spelen. 

Burundi is tenslotte een land dat erg geïsoleerd is van de rest van de wereld en dat in mindere mate deelneemt aan de globalisering. Er is weinig of geen toerisme en de internationale handel en economische samenwerking is eerder beperkt. Het is ook geen geheim dat dictatoriale trekjes van een regime op korte termijn dikwijls beter crisisbeheer mogelijk maken.

Broederlijk Delen blijft de evolutie op de voet volgen.

Paul Bottelberge