03 september 2010 - Natuurlijke rijkdommen - Congo - Nadia Nsayi

Congo is ontzettend rijk aan grondstoffen, maar is sinds de Mobutu-periode niet in staat om deze zelf op grote schaal te exploiteren.

Als gevolg hiervan sloot de regering akkoorden met internationale mijnbouwbedrijven die de exploitatie in handen kregen. In ruil kreeg Congo een deel van de winst. Maar de multinationals profiteerden van de zwakke Congolese staat (ten tijde van Mobutu), de oorlog, en de transitiejaren om deals te sluiten waarbij zij zelf met het leeuwendeel van de winst gingen lopen.

Contracten herzien

Broederlijk Delen pleit er al jaren voor om deze oneerlijke mijnbouwcontracten te herzien. In 2007 begon de Congolese regering effectief met een herziening. Deze is bijna afgerond; enkel het Amerikaans bedrijf Freeport McMoran moet haar contract nog aanpassen.

Intussen heeft de Congolese minister van mijnbouw een voorbeeldcontract voorgesteld. Dit zou als basis moeten dienen voor toekomstige contracten met multinationals. Broederlijk Delen beschouwt dit als een positieve zaak. Een dergelijk standaardcontract is een stap in de goede richting en kan er in de toekomst voor zorgen dat Congo’s natuurlijke rijkdommen de plaatselijke bevolking ten goede komen.

Transparante mijnbouwindustrie

Toch mag men niet te vroeg victorie kraaien: alles wijst er immers op dat deze nieuwe standaarden nog niet worden toegepast. Sinds het begin van de herziening werden er alweer enkele nieuwe controversiële contracten afgesloten. Eén voorbeeld is het monstercontract van zes miljard dollar met een Chinees staatsbedrijf dat veel kritiek opleverde. Onlangs werd er ook aardolie gevonden in het Albertmeer in Oost-Congo, en de exploitatieakkoorden werden in het grootste geheim gesloten. Deze contracten zijn intussen aan het licht gekomen, en de civiele maatschappij van de Kivustreek is er niet over te spreken.

Broederlijk Delen hoopt dat het herzieningsproces ondanks alle vertragingen, toch nog spoedig tot een goed einde wordt gebracht. Dit houdt volgens ons ook in dat de beloofde transparantie rond mijnbouwcontracten wordt nageleefd. De Congolese overheid moet de resultaten van de onderhandelingen én de nieuwe contracten openbaar maken. Als de Congolese regering ook echt de lessen uit deze ervaring toepast, kan ze beginnen werken aan een transparante mijnbouwindustrie waarvan de opbrengst de bevolking ten goede komt.