Het falen van het Bt-katoen in Burkina Faso toont ook aan dat het fout was om enkel naar de opbrengst te kijken.

Een recent artikel in ‘African Affairs’ bericht over een spectaculaire ommekeer in de katoensector in Burkina Faso. Katoen uit Burkina was gekend om zijn goede kwaliteit voor het land in 2009 begon met het commercialiseren van Bt-katoen (een genetisch gewijzigde katoenvariant van Monsanto, die zelf insecticide produceert). Plots hadden boeren geen keuze meer over welk katoen ze konden planten. De nieuwe GGO-zaden waren dikwijls de enige die verkrijgbaar waren. Vandaag is 70% van de katoenzaden in het land genetisch gewijzigd.

Minderwaardige kwaliteit

Aan de boeren werd een hogere opbrengst en een betere bescherming tegen insecten beloofd. Al snel viel op dat de bescherming tegen insecten maar tijdelijk was en dat de oogst kwalitatief minder goed was. Aanvankelijk werd dit weggewuifd, maar in het 2013/14 seizoen bleek dat 66% van de oogst van minderwaardige kwaliteit was.  Burkinabé katoen werd altijd alom geprezen om diens bijzonder lange en sterke vezels, maar is nu een ‘ordinair’ katoen geworden, zonder bijzondere kwaliteiten en dus zonder belang op de wereldmarkt.

Verschillende van onze partnerorganisaties die rond duurzame landbouw werken, zoals Inades, Diobass en ODJ maken zich al lang zorgen over de éénzijdige promotie van GGO-katoen. De landbouwers waarmee ze werken, werden ook geconfronteerd met deze problemen.  

Het falen van het Bt-katoen in Burkina toont ook aan dat het fout was om enkel naar de opbrengst te kijken. Burkina Faso produceerde vorig jaar 200,000 Ton meer katoen dan Mali. Maar doordat het Malinese katoen kwalitatief beter was, kon het land zijn oogst vlot verkopen op de wereldmarkt.  Burkina kreeg zijn katoen met moeite verkocht. 

Katoensector oneens met Monsanto

Niet alleen de landbouwers, ook de katoenbedrijven in Burkina Faso maken zich nu grote zorgen omdat Monsanto niet in staat blijkt te zijn om een antwoord te bieden op de kwaliteitsproblemen.

De sector kondigt een ommekeer aan en wil tegen 2017-18 geen GGO-katoenzaden meer verdelen. Er wordt ook 280 miljoen dollar compensatie gevraagd aan Monsanto voor de economische schade die een gevolg was van de mindere kwaliteit van het katoen.  

Het opdoeken van het GGO-katoen in Burkina Faso kan belangrijke gevolgen hebben voor GGO-plannen in andere landen.  Het land werd immers als voorbeeld opgevoerd voor GGO-landbouw. Een voorbeeld dat duidelijk gefaald heeft. 

Familiale landbouw betrekken bij het beleid

Het GGO-katoen verhaal in Burkina heeft ook op andere vlakken een negatieve bijklank. De zaden voor GGO-katoen werden ingevoerd zonder overleg met de landbouwers. Ze kregen ook geen informatie.

Vele kleine familiale landbouwers hebben nooit de keuze gehad tussen GGO- of andere zaden. Hun leveranciers boden nog enkel de veel duurdere GGO-zaden aan. Landbouwers die bio-katoen willen produceren lopen een groot risico dat hun oogst ‘besmet’ wordt met GGO-katoen van naburige velden.  

Familiale landbouwers en hun organisaties zijn het dan ook beu dat deze dingen zonder inspraak worden beslist. Een toekomstbeleid voor familiale landbouwers kan pas slagen als het gedragen wordt door de landbouwers zelf. 

GGO-voedsel?

Tenslotte moet dit verhaal uit Burkina Faso ons op een ander belangrijk element wijzen. GGO producenten beweerden tot nog toe dat het toevoegen van gewijzigd genetisch materiaal het product zelf niet verandert, los van de specifieke eigenschappen van dat ene gen.

De ervaringen in Burkina Faso tonen aan dat het toevoegen van de Bt-eigenschap aan te lokale variëteit wél een invloed had op een van de belangrijkste eigenschappen van die variëteit (lange en sterke vezels). Dit roept vragen op bij de introductie van GGO voedselgewassen.

Zijn we er nog zo zeker van dat die genetisch gewijzigde mais identiek is aan niet-GGO mais?