29 mei 2020 - Bolivia

In tegenstelling tot België, waar de quarantainemaatregelen nu langzaamaan worden versoepeld, blijft het overgrote deel van de bevolking in Bolivia nog steeds binnen. De sociale isolatie eist zijn tol. De bevolking heeft het economisch en mentaal enorm moeilijk. Bovendien maakt de overheid van deze uitzonderlijke tijd gebruik om de industriële landbouw nieuw leven in te blazen.

Extreme lockdown

Ben je in Bolivia jonger dan 18, of ouder dan 65, dan heb je je huis sinds 25 maart niet meer verlaten.

In Bolivia zijn op dit moment 8.387 mensen besmet met het virus, en vielen er tot nu toe 293 doden (update: 29 mei 2020). Dat is – in vergelijking met andere landen – niet heel veel, maar het is zonder twijfel een grote onderschatting van het reële aantal. Daar zijn twee redenen voor: een extreem tekort aan testmateriaal en de algemene gewoonte van pas in een erg vergevorderd ziektestadium een dokter te consulteren.

Ongeveer terzelfdertijd als in België plaatste de Boliviaanse regering het land in een extreme lockdown. Sinds 25 maart mogen volwassenen tussen 18 en 65 jaar één halve dag per week naar buiten om boodschappen te doen. De dag wordt bepaald door het laatste cijfer van je ID. Is dat cijfer 1 of 2, dan mag je op maandagvoormiddag tot 12 u boodschappen doen. Is je cijfer 3 of 4, dan mag je naar de winkel op dinsdag, enzovoort. In het weekend blijft iedereen verplicht 'in zijn kot'. Politie en leger zijn massaal aanwezig om ID’s te controleren en mensen te beboeten of gevangenisstraffen op te leggen, bij het overtreden van de regels.

© Abad Mirande - Captur-Arte

Grote sociale onrust

Leven tussen vier muren, vaak met verschillende generaties families samen, zorgt voor heel wat spanningen en mentale onrust.

Een sprong vooruit in de tijd. We zijn halverwege mei, bijna twee maand na het aankondigen van de regels. Veel is er nog niet veranderd. Toch niet in de maatregelen. Die blijven voorlopig in het grootste deel van het land nog aanhouden, tot eind mei. Maar de sociale en economische gevolgen van deze maatregelen zijn niet te overzien. Het psychosociale effect op kinderen en jongeren is enorm, vooral in de steden, waar slechts een handvol happy few over een tuintje of een terras beschikken. Leven tussen vier muren, vaak met verschillende generaties families samen, zorgt voor heel wat spanningen en mentale onrust. In een land waar bovendien 70% van de bevolking zijn inkomsten haalt uit de informele economie en waar tijdelijke werkloosheiduitkeringen niet bestaan, hoeft het niet te verbazen dat de maatregelen heel wat families met hun rug tegen de muur plaatst. De gevolgen zijn dan ook niet min: verhoogde cijfers van huiselijk geweld, kindermoord, vrouwenmoord en zelfmoord. Er is onrust en protest in bepaalde regio’s van het land: "We sterven liever aan Corona, dan van honger."

© Abad Mirande - Captur-Arte

Overheidssteun verloopt chaotisch

Mensen die de financiële steun het hardst nodig hebben, maar te ver af wonen of niet in staat zijn om uren te wandelen naar de dichtsbijzijnde bank, ontvangen niets.

Doet de regering dan helemaal niets? Toch wel. Sinds het begin van de quarantainemaatregelen werden economische pakketten in de vorm van voedselmanden en bonussen beloofd. In eerste instantie gingen deze bonussen naar ouderen en families met schoolgaande kinderen. Na het meermaals opvoeren van deze pakketten, heeft op dit moment bijna elke volwassen Boliviaan recht op één bonuspakket. Of toch in theorie. De bedeling ervan verloopt immers chaotisch. Mensen moeten hun bonus opvragen bij de bank, en dat zorgt voor triestige taferelen: ellenlange rijen overdag en (vaak oudere) mensen die 's nachts onder een deken kamperen voor de bank. Diegenen op het platteland die het aankunnen, wandelen uren lang naar de dichtstbijzijnde bank.

© Abad Mirande - Captur-Arte

Platteland is afgesloten

Op het platteland verschilt de situatie erg. De strikte quarantainemaatregelen bereiken de gemeenschappen niet. Of beter: er zijn geen opgelegde controlemechanismen. Deze gemeenschappen maken hun eigen beleid. Ze zijn wel op de hoogte van de crisis, en velen besloten hun gemeenschappen af te sluiten van de buitenwereld: "Nadie entra ni sale" (niemand komt binnen, of kan buiten). Ze willen vermijden dat Corona hun gemeenschappen, waar gezondheidszorg zo goed als onbestaande is, bereikt. In de hooglanden en de valleien is men volop aardappelen, bonen en groenten aan het oogsten. Daar zijn families dus grotendeels zelfvoorzienend. In de laaglanden echter, is de situatie moeilijker: de maisoogst is er in verschillende regio’s mislukt door de extreme droogte eerder op het jaar, of laat nog op zich wachten. (Illegaal) naar de stad reizen per moto is quasi onmogelijk, want de weinige motochauffeurs die alsnog rondrijden dreven hun prijzen de hoogte in.

Politieke strijd

Tegelijkertijd krijgt de hele gezondheidscrisis opnieuw een politieke kleur. Na het aftreden van Evo Morales in november 2019, was het wachten op de nieuwe verkiezingen van 3 mei. Die zijn – uiteraard – uitgesteld naar een nog niet nader bepaalde datum. Na een aantal weken van relatieve politieke rust door de coronacrisis, lopen de gemoederen in het parlement en bij uitbreiding in het hele land nu weer hoog op. De MAS (partij van ex-president Evo Morales) keurde immers eind april in het parlement een wet goed dat zegt dat nieuwe verkiezingen binnen drie maanden moeten georganiseerd worden. Daarop ontstond een polemiek in het parlement, en vonden protesten plaats in het land. Aanhangers van de MAS beschuldigen de interim-presidente van de doden en zieken door het coronavirus, en wijzen op de trage, inefficiënte, en weinig transparante reactie en het gebrek aan materialen en tests om het virus te detecteren.

Overheid trekt kaart van industriële landbouw

Bovendien maakt de overheid van deze uitzonderlijke tijd gebruik om de industriële landbouw nieuw leven in te blazen. In een periode waarin vanuit de Boliviaanse maatschappij steeds meer stemmen te horen zijn om in te zetten op agroecologie en korte ketens, om de voedselzekerheid en -soevereiniteit op het platteland en in de steden te verzekeren, keurde de interim-regering onlangs twee decreten goed dat verkorte procedures toelaat voor de introductie van genetisch gemodificeerde mais- en tarwezaden in Bolivia.

Het goedkeuren van GGO's is in strijd met de politieke grondwet van de staat, en brengt onder meer de gezondheid van de bevolking en de biologische diversiteit van het land in gevaar.

De civiele maatschappij liet niet lang op zich wachten. Ngo's en sociale organisaties sloegen de handen in elkaar om massaal kritiek te uiten op deze twee decreten. Het goedkeuren van GGO's is immers in strijd met de politieke grondwet van de staat, en brengt onder meer de gezondheid van de bevolking en de biologische diversiteit van het land in gevaar. Het zou bovendien de ontbossing doen toenemen – de bosbranden van vorig jaar in de Amazone zitten nog vers in het geheugen – en water en bodem verontreinigen. Dezelfde groep manifestanten vraagt ook openlijk steun om de boeren- en inheemse familiale landbouw en agro-ecologische landbouw te bevorderen en te ondersteunen, en wordt er opgeroepen om massaal in te zetten op stedelijke en peri-urbane landbouw, agro-bosbouwsystemen en andere duurzame agro-voedselsystemen als de beste optie voor voedselsoevereiniteit en -zekerheid.

En dat is exact waar ook op dit moment alle partners van Broederlijk Delen volop mee bezig zijn: de bevolking informeren en sensibiliseren, het publiekelijk veroordelen van de goedgekeurde decreten, en het op de agenda zetten van alternatieven als agroecologie. De noden in het licht van de coronacrisis, zorgen voor extra motivatie om dit zo gecoördineerd en efficiënt mogelijk te laten verlopen, al is er nog een lange weg te gaan.

Lien Vermeersch