22 september 2017 - Natuurlijke rijkdommen - Peru

“We willen niet meer langzaam sterven, maar zo willen we ook niet leven.” Daar zijn de inwoners van Espinar en Cuninico het over eens. Dag in dag uit worden zij blootgesteld aan zware metalen als gevolg van de mijnbouw. Amnesty International lanceerde vorige week een campagne rond het recht op gezondheid van die inheemse gemeenschappen, in samenwerking met Broederlijk Delen en zijn partnerorganisaties.

Tintayamijn in Espinar vergiftigt boerin Melchora

“Alleen. Ik leef helemaal alleen. Verlaten. Mijn broers en zussen leven niet meer. Mijn kinderen leven niet meer. Allemaal omdat er vervuiling is.” Wanneer boerin Melchora haar verhaal doet, barst ze in tranen uit. Ze woont vlakbij de Tintayamijn in Espinar, en in haar lichaam werden zeventien verschillende soorten metaal teruggevonden.

Drie jaar geleden stond zij ook al centraal in de korte documentaire Pacpacco die werd gemaakt door Broederlijk Delen-partner DocuPerú. Ze is een sleutelfiguur in de strijd van de lokale gemeenschap tegen de mijn in Espinar.

In de film voor de campagne 2015 'Marco is een boer en wil dat blijven' komt Melchora uitgebreid aan het woord over haar levensomstandigheden aan de rand van de mijn. Dit fragment toont ook hoe de mijn en de overheid met deze problematiek omgaat: ontkenning en criminalisering van sociaal protest. Bekijk het hele videofragment. 

Vraag om aandacht voor de gezondheidssituatie in Espinar

In samenwerking met partnerorganisaties CooperAcción, Derechos Humanos sin Fronteras en Instituto de Defensa Legal vraagt Broederlijk Delen sinds twee jaar om aandacht voor de gezondheidssituatie in Espinar. De werkgroep deed onderzoek om de ernst van de situatie aan te tonen, realiseerde een mediacampagne en spande een rechtszaak aan tegen de Peruaanse staat met de eis om de gezondheidssituatie serieus te nemen.

Amnesty International sluit hier nu op aan met de internationale campagne 'Toxic State', aangezien de reactie van de Peruaanse overheid op de situatie tot nu zeer gebrekig is.

Ernstige gevolgen voor alle omwonenden

Bovendien is Melchora niet de enige persoon met zulke verhalen. Espinar en Cuninico zijn twee gebieden in Peru waar de inwoners ernstig te lijden hebben onder de gevolgen van de mijnbouw en de olie-industrie. Daarover bestaan degelijke en duidelijke studies.  

Midden september lanceerde Amnesty International een nieuwe campagne rond het recht op gezondheid in Espinar en Cuninico, waar de inwoners aan hun lot worden overgelaten en de staat het nalaat om hen hulp te bieden.

"We vermoorden onze kinderen zelf”

Tijdens het evenement in Cusco doen verschillende getuigen hun verhaal. Krampen, diarree en overgeven zijn nog maar lichte gevolgen van het gebrek aan drinkbaar water. Vrouwen vertellen over miskramen, over hoe hun botten verzwakken en ze amper nog kunnen lopen, over hoe hun kinderen hun zicht verliezen, hoe hun dieren sterven. Meer en meer gevallen van kanker worden vastgesteld. Het doet pijn om zich te wassen.

“We moeten koken in vervuild water, wanneer het niet geregend heeft. We vermoorden onze kinderen zelf”, klinkt het huiverend tussen de getuigenissen.

Hoe lang nog?

“Hoe lang gaan wij nog zo leven, vergeten door de staat? Hoe lang nog?” klinkt de noodkreet van de inwoners van Espinar en Cuninico. Hoe lang nog?

Via deze petitie probeert Amnesty International, met onze hulp, die periode zo kort mogelijk te houden en druk uit te oefenen op de Peruaanse regering om stappen te ondernemen. Het is tijd dat de staat handelt.

Teken de internationale petitie en zet politici in Peru onder druk.

Teken hier voor een gezond en menswaardig leven voor de inwoners van Espinar en Cuninico!



Dit artikel werd geschreven door Maxime Degroote, vrijwilliger voor Broederlijk Delen in Peru.