30 Januari 2018 - Oeganda

De populatie jongeren in Oeganda is enorm groot. Maar liefst 70% van de bevolking is jonger dan 25 jaar. Een hele generatie die de toekomst van het land mee kan bepalen. Maar het schoentje wringt op verschillende plaatsen.

Ondermaats schoolsysteem

Het reguliere onderwijssysteem loopt mank. De klassen bestaan vaak uit meer dan honderd leerlingen en de leerkrachten zijn laag opgeleid. Daarnaast lopen de schoolkosten hoog op en is de infrastructuur beperkt. Kortom, de kwaliteit van het onderwijs is ondermaats. Het Oegandese onderwijssysteem is doorgaans repetitief en theoretisch. Praktijkgerichte vakken en sociale vaardigheden komen weinig aan bod.

Jongeren worden in het schoolsysteem voorbereid op bureaujobs, of zoals ze deze in Oeganda vaak noemen: blanke jobs. Loopbaandromen worden daardoor vaak voorgekauwd, maar zijn vaak alweer verteerd voordat ze de school verlaten. Dit geldt vooral voor universiteitsstudenten. Voor de 400.000 schoolverlaters per jaar, zijn er maar 90.000 (bureau)jobs ter beschikking.

Ongeveer 70% van de jeugd is werkloos. Vaak nog voor ze de school verlaten. En dat terwijl er tal van jobs in de landbouwsector voorhanden zijn.

Landbouw in Oeganda is veelal kleinschalig en familiaal, waardoor het vaak als onbetaalde arbeid wordt beschouwd.

Hierdoor moeten de jongeren in Oeganda vaak al aan het begin van hun loopbaan hun toekomstplannen bijschaven. Meestal kiezen ze er dan voor om een eigen zaakje op te richten. Dat is eenvoudig in Oeganda. Zelfs met een klein startkapitaal kan je bijvoorbeeld al een kraampje openen om beltegoed te verkopen. Zo’n bedrijfjes worden snel opgestart, maar gaan vaak even snel weer failliet. Oeganda is hierin een van de koplopers in de wereld. Dit is vooral te wijten aan te weinig of ondermaatse scholing, beperkte business skills, corruptie en te weinig kapitaal.

Geloof in een betere toekomst

Toch geven de Oegandese jongeren niet snel op en gaan ze op zoek naar hun toekomst. Ik vroeg me af hoe ze zelf naar de toekomst kijken en ging een gesprek met hen aan. In het begin komen de Oegandese jongeren wat timide over, maar je merkt al snel dat ze bruisen van energie en levenslust. Ze dromen over de toekomst. Op de eerste plaats dromen ze van een stevige basis in het leven. Voor hen betekent dat een partner, kinderen en een huis hebben, en als het kan ook een auto. Maar daar is een inkomen voor nodig.

Dat inkomen willen ze het liefst verdienen met hoger gekwalificeerde jobs of jobs met een hoger aanzien, zoals dokter, journalist, rijke zakenman of bekende artiest. Slechts enkele jongeren willen boer worden. Dat bevestigt de resultaten uit het onderzoek over de relevantie van degelijk onderwijs in Oeganda (2016, door Lydia Muchodo in opdracht van Broederlijk Delen en Welthungerhilfe).

Op zoek naar alternatieven

Ondanks het feit dat ze vooral dromen van bureaujobs, denken ze ook na over andere manieren om een inkomen te  genereren. De jongeren die ik sprak, doen dat aan de hand van kleine handeltjes. Zo verkopen ze cakejes, kweken ze varkens en kippen of verkopen ze zaailingen. Velen zetten zich vrijwillig in om ervaring op te doen.

De jongeren willen zich zowel nu als in de toekomst inzetten voor de gemeenschap en de jeugd, zodat zij en hun families een zekerdere toekomst tegemoet gaan. Ze willen datgene wat ze zelf van de gemeenschap gekregen hebben ook teruggeven. Dit doen ze onder andere vanuit hun rol als klassenverantwoordelijke in scholen, gemeenschapswerker en als lid van de lokale jeugdbeweging of parochie. Sommigen leren andere jongeren specifieke technische vaardigheden aan met als doel hun vaardigheden te verruimen en jobs te creëren in de toekomst.

Voor wat hoort wat

Maar er wordt ook het één en ander verwacht van de gemeenschap en van de lokale, nationale en geestelijke leiders. Het zijn verwachtingen omtrent:

  • een degelijk onderwijssysteem voor kinderen en jongeren uit alle bevolkingsklassen;
  • verbetering van openbare infrastructuur en wegenbouw;
  • zorg voor omgeving en natuur;
  • meer gelijkheid tussen man en vrouw.

De Oegandese jongeren dromen van een meer inclusieve samenleving waar iedereen samenwerkt, of zoals een van hen zei:

We willen verenigd zijn, zoals suiker in thee.

De jongeren weten wat ze willen en zijn bereid daarvoor hun handen uit de mouwen te steken. Ze kunnen echter nog een duwtje in de rug gebruiken. Lokale en nationale leiders en geestelijken spelen daarin een cruciale rol.

Ook Broederlijk Delen en zijn partnerorganisaties werken concreet rond een duurzame toekomst voor jongeren. Dit doen ze onder andere door hen technische landbouwvaardigheden aan te leren, hen te ondersteunen bij het opstarten van kleine bedrijfjes en door hen verder op te leiden.

Geschreven door Valerie De Beuckelaer, vrijwilliger voor Broederlijk Delen in Oeganda.