Ruim één jaar na de ondertekening van het definitieve vredesakkoord met de FARC staat Colombia opnieuw voor een cruciaal politiek jaar: in maart kiezen de Colombianen een nieuw parlement, gevolgd door presidentsverkiezingen eind mei. De toekomst van het vredesproces oogt onzeker. In verschillende regio’s woedt de gewelddadige strijd om grond(stoffen) volop verder.

In november 2017 bezocht beleidsmedewerker Wies Willems het departement Cauca, één van de regio's die het zwaarst getroffen werden door het conflict. Broederlijk Delen ondersteunt verschillende partnerorganisaties in de streek.

Ondanks de vooruitgang op enkele vlakken, zoals de ontwapening van de FARC, is het vredesproces geen gewonnen zaak. Gemeenschappen zien tot nog toe te weinig resultaten van het akkoord. Van de beloofde landhervorming en steun voor rurale ontwikkeling komt voorlopig weinig in huis. Er blijven tal van conflicten rond de verdeling van land en de ontginning van natuurlijke rijkdommen. Ook de situatie van mensenrechtenverdedigers is nog steeds kritiek.

Transitiekamp Farc Cauca

Het is noodzakelijk dat de overheid haar inspanningen opdrijft om het akkoord te implementeren. De presidentsverkiezingen worden cruciaal voor de toekomst van het vredesakkoord. Internationale politieke druk en steun voor het vredesproces zijn in deze context cruciaal.

Broederlijk Delen vraagt daarom dat Europese en Belgische beleidsmakers in hun relaties met de Colombiaanse overheid druk uitoefenen rond volgende punten, ook op internationale fora zoals de VN-Mensenrechtenraad:

  • De participatie van sociale organisaties en het middenveld in de uitvoering van het vredesakkoord, in het bijzonder bij de bestemming van middelen uit het EU-steunfonds en andere financiële mechanismen. Er moet speciale aandacht gaan naar landhervorming en rurale ontwikkeling.
  • Onafhankelijk onderzoek naar de rol van paramilitaire groepen in het conflict en de ontmanteling van deze structuren; en de verderzetting van het staakt-het-vuren en de vredesgesprekken met het ELN.
  • Veiligheidsgaranties voor en dialoog met mensenrechtenverdedigers in het kader van vredesopbouw, in het bijzonder leiders van inheemse, Afro- en boerengemeenschappen. Gevallen van geweld tegen mensenrechtenverdedigers moeten grondig onderzocht worden. De EU moet de situatie in Colombia ook zelf actief blijven opvolgen, in lijn met de EU-Richtlijnen m.b.t. Mensenrechtenverdedigers.
  • Respect garanderen voor het internationaal erkende recht op voorafgaande inspraak van lokale gemeenschappen rond het beheer van land en grondstoffen.
  • Werk maken van strengere regulering van privé-investeringen op het vlak van mensenrechten, in het bijzonder in de grondstoffensector. De EU moet er ook nauwgezet over waken dat investeringen door Europese bedrijven in Colombia, en de handelsbetrekkingen met het land, niet bijdragen tot schendingen van de mensenrechten.

Lees onze uitgebreidere analyse op MO.be.