Wie is onbeleefd?

(20-12-2007)

Hello!
How are you?
How is work?
How is Belgium?
How is your family?
How is life?

Na een verblijf van bijna 15 maanden op Afrikaanse bodem, groet ik jullie op z’n Oegandees.

“Let’s embrace CHOGM. Let’s embrace the World.”

Zoals jullie allemaal op het nieuws hebben kunnen volgen, heeft Oeganda hoog bezoek gehad eind november van de Queen herself, 53 heads of government en 5000 gedelegeerden: de Commonwealth Heads of Government Meeting (CHOGM) van 2007 vond plaats in Kampala!
Het was ondertussen een 50 jaar geleden dat de Queen nog in Oeganda geweest was, dus reden te over om feest te vieren, de stad een grondige opknapbeurt te geven en hoge verwachtingen te hebben.

Eerlijk waar, er was een nooit-geziene bedrijvigheid in de maanden, weken, dagen en uren voor de launch of de meeting: straten werden van hun putten ontdaan, voetpaden en bloemenperkjes aangelegd, straatlichten geplaatst, opruimdiensten georganiseerd, spoedcursussen “efficiente coomunicatie” en “customer care” voorzien voor alle Oegandezen die op een of andere manier in aanraking kwamen met CHOGM-personen en hotels rezen uit de grond als snel-groeiende paddestoelen.!

Op dit moment zijn we 2 weken verder en alle hoog geplaatste personen hebben Oost-Afrika alweer verlaten, dus nu komt de vraag: heeft Oeganda werkelijk verdiend aan deze meeting en zo ja, hoe? De kranten staan er bol van.
CHOGM zou werkgelegenheid bieden, maar de 2 hoofddagen van het congres waren afgekondigd als public holiday, dus alle winkels waren gesloten, niemand kwam in de stad en verschillende handelaars kenden een groot verlies.

Er wordt reeds gezegd en geschreven dat Kampala City Council niet genoeg geld heeft om alle nieuwigheden van CHOGM zoals brandende straatlichten, 24 op 7 actieve opruimdiensten en een verhoogde veiligheidsgarantie te onderhouden, dus het zou wel eens kunnen dat Kampala er snel weer uitziet zoals voordien.
Daarnaast horen we hier en daar dat het vooral Kampala en omstreken is die er iets uit hebben kunnen halen, voor de rest van Oeganda lijkt het alsof er nooit een CHOGM geweest is.

En tenslotte wordt er beweerd dat sommige in-7-haasten-gebouwde hotels misschien niet alle veiligheids-instructies in zake bouwtermen opgevolgd hebben en dus niet 100% te vertrouwen zijn.

Maar laat ons nog niet pessimistisch denken en erop vertrouwen dat CHOGM Oeganda een meer gekende plaats op de wereldkaart gegeven heeft en daardoor meer investeerders en meer toeristen gaat aantrekken met alle economische voordelen van dien. Berichtgeving opnieuw binnen een jaartje.

Wie is onbeleefd?

Als een collega tegen jou zegt: “Geef mij dat boek” of een bezoeker zegt: “Breng mij water”, vind je dat dan onbeleefd?
Ik persoonlijk vond dat wel - toch zeker in het begin - maar ondertussen geef ik gewoon dat boek of water zonder bedenkelijk te kijken omdat ik nu weet dat het niet onbeleefd bedoeld is. Maar het was wel even wennen, want onze taal is nu eenmaal een heel beleefde taal, wij gebruiken zo vaak “alsjeblieft..”, “zou ik..”, “kan je mij..”, “is het mogelijk om ..” om iets te vragen, maar de Oegandese talen hebben deze fijngevoeligheid niet, wat te merken is wanneer ze Engels spreken en eerder bevelen geven dan een vraag stellen.

Wat voor de Oegandezen dan weer onbeleefd overkomt, is wanneer je alleen “hallo” zegt en dan direct “to the point” komt, zonder te informeren naar familie, werk en woonplaats. Dat is absoluut ‘not done’.
Die begroetingsvragen zijn heel noodzakelijk hier en tonen je goede manieren. De antwoorden op die vragen zijn dan weer niet belangrijk, alles kan gewoon “goed” zijn. Ik weet nog goed toen zus Lieve hier pas aankwam en we eens de weg naar een supermarkt moesten vragen. Zij stapt naar een vrouw en zegt: “Excuse me, do you know where the nearest supermarket is?” Ai, dat kwam in mijn oren toen zo onbeleefd over, maar natuurlijk weten de Oegandezen ook wel dat wij andere gewoontes hebben, dus ik denk niet dat ze zich beledigd voelen.. Maar toch snel even wat basisregels communicatie voor haar: wanneer je iemand aanspreekt, zeg op z’n minst “Hi, how are you?” en dan de rest.

Een ander iets dat ik heb moeten ontdekken is hetvolgende:
Wanneer iemand je kantoor binnenkomt, zeg je eerst “Please, have a seat”, dan kijk je ongeveer een halve tot een minuut terug naar je computer precies alsof er niemand is binnengekomen, vooraleer je die bezoeker opnieuw aanspreekt en vraagt wat hij wil. Dit is omdat die persoon wel eens te voet en van ver kan gekomen zijn en even moet bekomen en omdat je wil dat die bezoeker zich eerst op zijn gemak voelt vooraleer je hem iets vraagt.

Jaaaaaa .. dat zijn wij natuurlijk niet gewoon, dus alle IIRR bezoekers hebben een tijdje geen stoel aangeboden gekregen en zijn nogal direct bevraagd geworden, maar ondertussen weet ik beter.

Ik wil maar zeggen: beleefdheid is relatief en als Piet of ik, eens terug in Belgie, zullen zeggen: “Geef me dat” of “Doe dit”, dan zijn we misschien nog aan het acclimatiseren.

Aap eten


Zijn jullie op de hoogte dat Ebola ook in Oeganda vastgesteld is?
Omdat de symptomen van Ebola-Oeganda verschillend zijn van Ebola-Congo of Soedan, heeft men er even over gedaan om de juiste diagnose te stellen.
Het is begonnen in het verre Westen van Oeganda, in Bundibugyo, ergens in augustus (hoewel daar geen eensgezindheid over bestaat). Het is in elk geval pas openbaar gemaakt een maand geleden.

Op dit moment lezen wij in de krant hier dat er tot nu toe 32 doden gevallen zijn en 120 personen besmet zijn.
Ebola is redelijk hardnekkig, zeker in een gunstig klimaat als hier, en kan zich verspreiden via gewone aanrakingen. Museveni raadt dan ook iedereen aan om niet langer elkaars handen te schudden bij de begroeting. In plaats daarvan steken mensen nu hun elleboog uit of duwen ze vuisten tegen elkaar.
Er wordt ook aangeraden om bepaalde gebieden, zoals Bundibugyo, niet langer te bezoeken. Omdat sommige besmette personen uit Bundibugyo naar een ander district waren gereisd, werden ook die districten gezien als gevaarzones, maar sinds gisteren is dat afgeblazen.
Het goeie is dat enkel mensen bij wie de ziekte zich al manifesteert, het virus kunnen verspreiden.
Waarschijnlijk is Ebola in Oeganda terecht gekomen door het eten van apenvlees, maar dit is nog in onderzoek.
 
Broederlijk Delen & co


Omdat ik werk met en voor IIRR, een Oegandese partner van Broederlijk Delen (BD), denk ik er niet altijd aan dat ik eigenlijk werknemer van BD ben.
Gelukkig was er begin november een seminarie, georganiseerd door BD voor haar partners in het gebied van de Grote Meren en alle cooperanten en vrijwilligers die 1 van die partners ondersteunen.

Dat seminarie toonde mij heel concreet hoe BD geen eigen projecten opzet in het Zuiden, maar organisaties met waardevolle projecten en plannen ondersteunt, of met ‘finances’ en/of met ‘human resources’ i.e. een persoon met een bepaalde expertise en een andere kijk als meerwaarde voor een partner.
In het aansluitende cooperantenseminarie konden wij Belgische cooperanten en vrijwilligers, die toch uitsluitend werken met de lokale bevolking (in tegenstelling tot andere NGO’s waar altijd een groot aantal expats zit) a volonte uitwisselen over onze ervaringen, knelpunten en uitdagingen en samen aangewezen gedrag en houding bespreken.
We hebben er dus allemaal heel veel uitgehaald en tegelijkertijd (in de schaarse vrije tijd!) genoten van een zalige zwem in een nijlpaarden en krokodillen-vrij Kibuye-meer en van het zicht ‘s avonds op de lava-gloed van de Kongolese vulkanen.

Yei en Kisumu


In de voorbije 2 maanden heb ik ook 2 trainingen gegeven, eentje in Yei, Zuid Soedan en eentje in Kisumu in Kenya, niet ver van de Oegandese grens.
Het was ondertussen geleden van april dat ik in Zuid Soedan was geweest: de wegen zijn nog steeds slecht, de mensen hebben nog steeds niet zoveel om handen, maar er is ook nog steeds vrede, gelukkig.
We hoorden wel van enkele deelnemers dat mensen verveeld zijn met het feit dat, ondanks de vrede, hun situatie niet verbeterd is. Al diegenen die actief hebben meegevochten in de SPLA (Sudanese People Liberation Army), vinden dat hun inspanningen niet in het gewenste resultaat zijn uitgedraaid.
Ja, het is veilig om rond te lopen en je akkers te bewerken, maar de omstandigheden zijn nog erg erbarmelijk. Wegens grootschalige corruptie kunnen de lokale overheden hun beloften moeilijk houden en komen veranderingen veel te langzaam op gang.

Kenia wordt al even gezien als het meest welvarende land in Oost-Afrika, maar het land is zodanig groot dat er nog vele uitdagingen zijn.
Zo heeft Kisumu, gelegen aan Lake Victoria aan de Keniaanse kant, duidelijk zijn eigen problemen. BR> Tijdens de training daar, hadden we de gelegenheid om met enkele lokale vrouwenorganisaties te spreken o.a. Mama Watoto (Moeder van de kinderen). Deze organisatie teelt soja en verkoopt sojaprodukten en met dat geld geven ze steun aan de wezen en kwetsbare kinderen in Kisumu.
De vrouwen vertelden ons dat het aantal wezen stijgt, wat voornamelijk te maken heeft met de verspreiding van HIV en AIDS.
Omwille van teveel armoede en niet genoeg geld om eten te kopen en schoolgeld te betalen, verdienen sommige vrouwen een centje bij als prostituee; dit maakt hen vatbaarder voor ziektes zoals HIV and AIDS; ze kunnen het mee naar huis nemen en doorgeven aan hun echtgenotes; eens infected, verliezen ze hun kracht en kunnen minder werken; en dit minder werk leidt weer tot meer armoede of tot dood, wat hun kinderen tot wezen maakt.
Deze wezen kunnen moeilijk voor zichzelf zorgen, wat de jonge meisjes onder hen al snel tot de prostitutie dwingt met alle gevolgen van dien.
Het was zeker geen rooskleurig verhaal, maar deze “mama’s” waren zo geweldig, zo vol moed om toch op micro-schaal iets bij te dragen en toch een handvol kinderen een betere toekomst te bezorgen.

 

Untitled Document

nieuwsbrief facebook you tube twitter

Deodora_goudmijn

Blogs - Geluiden uit het Zuiden

>> Lees alle blogs

Aanmelden