Snelweg verdeelt inheems gebied en Bolivia

(18-08-2011 - Suzanne Kruyt)

In Bolivia zijn inheemse volkeren maandag een protestmars begonnen tegen de aanleg van een snelweg in Isiboro Securé, nationaal park en inheems gebied. Een bekend verhaal in Latijns-Amerika: de strijd voor inheemse rechten en natuurbehoud versus internationale belangen en de ´vooruitgang´. Maar was het niet juist de regering van Evo Morales die 'Moeder Aarde' en de inheemse rechten verdedigde?

De overkoepelende inheemse organisatie CIDOB, waar 34 inheemse volkeren bij aangesloten zijn, vraagt al maanden om een dialoog met de regering over de snelweg. Volgens de nieuwe grondwet hebben zij recht op inspraak voordat plannen voor een weg door hun gebied goedgekeurd worden. Over deze snelweg, die de departementen Cochabamba en Beni met elkaar moet verbinden, is de bevolking echter niet naar behoren geraadpleegd terwijl de aanleg al is begonnen. Daarom vertrokken op 15 augustus zo´n vijfhonderd inheemse mannen, vrouwen en kinderen vanuit Trinidad om te voet de 640 kilometer naar hoofdstad La Paz af te leggen.

Inheemse rechten en internationale belangen

Het Territorio Indígena y Parque Nacional Isiboro Securé (TIPNIS) ligt in het hart van Bolivia en is naast een belangrijk nationaal natuurpark een erkend inheems territorium. De belangrijkste toegangswegen zijn rivieren. Drie inheemse volkeren, Moxeño, Yuracaré y Chimán, leven er op relatief traditionele wijze. Een deel van hun leefgebied is gekoloniseerd door coca boeren die sinds de jaren zeventig naar het gebied migreren.

In 2009 overhandigde Evo Morales de inheemse volken de collectieve eigendomsbewijzen van het park dat ruim een miljoen hectares telt. Zij kregen bovendien de toezegging dat er geen nieuwe nederzettingen in het park zouden komen. Maar de druk is groot. De TIPNIS ligt ten noorden van de Chapare, de streek waar de meeste coca van Bolivia verbouwd wordt. De cocaboeren hebben steeds meer land nodig voor hun teelt en omdat de TIPNIS een uitgestrekt en moeilijk begaanbaar gebied is, is controle op naleving van de afspraken lastig.

De geplande weg tussen Trinidad (Beni) en Villa Tunari (Cochabamba) vormt onderdeel van het Zuid-Amerikaanse integratie project IIRSA (Infraestructura Regional Suramericana). Een uitgebreid infrastructureel netwerk moet de Atlantische en Pacifische kust met elkaar verbinden. Deze infrastructurele projecten, waar vooral door reus Brazilië en grote multinationale bedrijven op wordt gehamerd, doorkruisen de Amazone en zijn in verschillende landen bron van conflicten. Brazilië voorzag in een lening voor Bolivia om de snelweg aan te kunnen leggen.

De inheemse inwoners zijn echter minder enthousiast. De snelweg zou dwars door de TIPNIS heen lopen en funest zijn voor de flora en fauna in het park. Bovendien vrezen zij dat de komst van de snelweg ruim baan zal geven aan de cocaboeren en de illegale houtkap waardoor de bescherming van het gebied in gevaar komt. Er zijn bovendien weinig aanwijzingen dat de snelweg voordelen zou opleveren voor de inheemse bevolking. Het departement Beni produceert nauwelijks en de producten gaan vooral richting het departement Santa Cruz, waar al een snelweg naar toe loopt.

Inheemse vrouwen versieren

Bewust van het conflict dat deze snelweg op zou leveren in TIPNIS, deelde de regering van Evo Morales de aanleg van de snelweg op in drie delen. Voor deel één en deel drie, die het park niet doorkruisen werd snel een milieuvergunning geregeld en deze delen zijn al voor een groot deel af. Door deze manoeuvre maakte de regering het bewust moeilijk om het tussenliggende gedeelte, dat recht door de TIPNIS loopt, nog tegen te houden.

Maar volgens de grondwet hebben de inheemse bevolkingsgroepen recht op inspraak bij geplande projecten op hun grondgebied en die eis begon steeds luider te klinken. Toen koos de regering voor een nieuwe strategie. In de media ondermijnen ze de legitimiteit van de inheemse organisaties, met de beschuldiging dat ze marionetten zijn van NGO´s en oppositiepartijen die de ontwikkeling en de vooruitgang van Bolivia willen tegengaan.

Eind juli probeerde Evo Morales ook de cocaboeren in de Chapare in te zetten voor zijn zaak: “Jullie hebben instructies van de president om de Yuracaré en Trinaria vrouwen te veroveren zodat ze zich niet verzetten tegen de aanleg van de snelweg. Akkoord?”, aldus Morales waarop een applaus losbarstte van de coca boeren.

Deze uitspraken tonen de steeds groter wordende breuk tussen deze regering en de sociale organisaties die haar in het zadel hielpen. De economische en politieke keuzes die deze regering maakt, voldoen steeds minder aan de verwachtingen die inheemse, urbane, boeren- en milieuorganisaties hadden toen Morales aan de macht kwam.

Starre Morales

Maar in dit conflict is de openlijke agressieve houding van Evo Morales wel erg opvallend. Waarom blijft hij zo star vasthouden aan deze snelweg? Volgens Raul Prada, politiek analist en tot vorig jaar werkzaam voor de regering, zijn verschillende verklaringen mogelijk. Evo Morales zou onder druk kunnen staan van de cocaboeren. Aangezien deze zijn belangrijkste politieke basis vormen, is het aannemelijk dat hij de uitbreiding van de cocaplantages richting TIPNIS verdedigt.

Ook kan het zo zijn dat Evo Morales dusdanig onder druk staat van Brazilië en bedrijf Petrobras dat hij hun belangen niet kan schenden, aldus Prada. 'Of misschien is deze snelweg een resultaat van de recente allianties die deze regering aanging met de agro-industriële sector, de bankiers en andere traditionele elites in het land', zo speculeert Prada.
Tot slot zijn er aanwijzingen dat er gas en olie in de grond zit in het gebied. Met slinkende voorraden in andere gebieden en een grote druk om aan de vraag van de buurlanden te voldoen, is Bolivia op zoek naar nieuwe reserves. Hoe het ook zij en de internationale toespraken van Evo Morales over het belang van 'Moeder Aarde' en inheemse rechten ten spijt, ook in Bolivia leggen natuurparken en inheemse rechten het af tegen andere belangen.

Of toch niet? Zullen de inheemse volkeren van Bolivia nog eenmaal hun kracht laten zien, zoals zij dat deden in de eerste mars voor landrechten in 1990, toen zij ook van Trinidad naar La Paz liepen? Veel zal afhangen van de steun van de bevolking. En de omvang daarvan valt nog te bezien want hoewel er wat solidariteitsprotesten zijn geweest in La Paz, is het behoud van de inheemse gebieden niet direct een prioriteit voor de urbane meerderheid in Bolivia.
Volgens Adolfo Chavez, de voorzitter van de CIDOB, is de enige oplossing dat Evo Morales zelf een alternatieve route presenteert voor de snelweg en die gelijk wettelijk vastlegt. Hij gaf toe dat de protestmars niet makkelijk zal zijn, maar “het is beter dertig dagen te lijden, dan de rest van ons leven'. 'En daarom zijn wij hier: om de toekomst te beschermen”, aldus Chavez.

 

 

Untitled Document

nieuwsbrief facebook you tube twitter

Deodora_goudmijn

Blogs - Geluiden uit het Zuiden

>> Lees alle blogs

Aanmelden