Q&A: Broederlijk Delen en Haiti

(28-01-2010)

Waarom werden de medewerkers van Broederlijk Delen gerepatrieerd?

Toen de omvang van de ramp duidelijk werd, heeft Broederlijk Delen in overleg met haar vaste vertegenwoordiger ter plaatse Gerrit Matton beslist om haar medewerkers te verzamelen en tijdelijk te evacueren. In de eerste plaats is Broederlijk Delen niet gespecialiseerd in reddingswerk, noodhulp of medische hulp en is het daarvoor ook niet uitgerust. Haïti heeft op dit moment het meeste behoefte aan noodhulp: water, voedsel, medische verzorging en onderdak. Dit konden onze medewerkers hen niet bieden. In tegendeel, net als de Haïtianen geraakten onze medewerkers in Haïti snel door hun eigen voedsel- en drankvoorraad, als ze die nog hadden. Ook zij werden dus afhankelijk van het voedsel en het water dat hulpverleners uitdeelden. Bovendien waren onze medewerkers ook zelf slachtoffers van de aardbeving. In tegenstelling tot de hulpverleners die na de aardbeving naar Haïti zijn gegaan. Ze waren erg onder de indruk en hadden tijd nodig om dit te verwerken. De beste plaats om dat te doen was bij hun familie hier in Vlaanderen. In de chaos na de ramp was het op sommige plaatsen in Haïti bovendien erg onveilig. We konden de veiligheid van onze medewerkers (en hun gezin) niet garanderen. Daarom beslisten we om vlug te evacueren. Dat gebeurde met pijn in het hart, maar vanuit de wetenschap dat onze medewerkers zo snel als mogelijk zouden terugkeren. Na hun dramatische ervaringen van de voorbije dagen is het voor hen bovendien erg belangrijk om even op adem te kunnen komen bij hun familie. Zodra de situatie het toelaat, keren de medewerkers terug en zullen ze hun taken spoedig weer opnemen.


Hoe was de situatie gedurende de eerste dagen?

De situatie was ronduit dramatisch. In Port-au-Prince lagen overal lijken, alle infrastructuur was verdwenen, er was geen water, geen elektriciteit, onvoldoende voedsel en de communicatie verliep moeizaam. Ganse zones waren tot puin herleid. Ook een strook ten Zuidwesten van Port-au-Prince, langs Gressier en Léogane naar de stad Jacmel, werd grotendeels verwoest.
De hulpverlening kwam aanvankelijk traag op gang. Vanuit de hele wereld waren reddingsteams onderweg, maar het vliegveld van Port-au-Prince was niet uitgerust om zulke toestroom te verwerken. Tientallen toestellen met medicijnen, voedsel en hulpverleners cirkelden uren rond voor ze konden landen. De wegen tussen de luchthaven en de hoofdstad waren bovendien nauwelijks berijdbaar. Daarom richtten sommige teams zich op de luchthaven van Santo Domingo, de hoofdstad van de Dominicaanse Republiek. Maar deze omweg vertraagde aanzienlijk de aankomst van personeel en hulpgoederen. Het duurt immers drie uur met de auto tot aan de grens en dan nog eens twee uur tot Port-au-Prince. Hulpverleners vanuit de Dominicaanse Republiek kwamen als eersten ter plaatse. De slechte verhoudingen tussen beide landen maakten plaats voor een grote solidariteit.
De vaak straatarme bevolking had weinig voorraad, en als die er was, was ze vaak moeilijk bereikbaar. Al snel leden vele Haïtianen honger en dorst. Het dagenlang wachten wekte veel frustratie op. Intussen zochten de mensen zelf ook met de blote hand naar slachtoffers. Er werd stevig gedrumd voor water en voedsel. In de hoofdstad Port-au-Prince werden opslagplaatsen van het VN-voedselprogramma, winkels en vrachtwagens geplunderd. Het werd een kwestie van overleven en de situatie werd hier en daar onveilig, mede doordat een aantal gevangenen bij de aardbeving konden ontsnappen.


Welke soorten hulp zijn belangrijk?

In eerste instantie heeft Haïti op dit ogenblik echte noodhulp nodig: water, voedsel, onderdak, medische verzorging. Noodhulporganisaties zorgen hiervoor. Vervolgens komt er een fase van wederopbouw en steun op langere termijn.
Broederlijk Delen zelf is gespecialiseerd in structurele hulp. Dat is eigenlijk een ander niveau: het is hulp op lange termijn met een blijvend effect, zoals de uitbouw van eigen voedselvoorziening. Wanneer de eerste noden gelenigd zijn, is het belangrijk om ook deze hulp intensief verder te zetten.
Speciaal voor Haïti is nu het consortium Haïti Lavi opgericht. Giften kan je storten op 000-0000012-12. Het bestaat uit twee niveaus: op het eerste niveau bevinden zich de organisaties die aan noodhulp doen. Op het tweede niveau zal het geld vrijmaken voor structurele hulp. 11.11.11, de koepelorganisatie van de Vlaamse Noord-Zuidbeweging, is lid van Haïti Lavi. Broederlijk Delen is lid van 11.11.11 en zal van het consortium fondsen ontvangen voor het lange termijnwerk in Haïti.


Onderneemt  Broederlijk Delen ook onmiddellijk iets?

Ja. Broederlijk Delen heeft onmiddellijk 100.000 euro vrijgemaakt voor projecten van wederopbouw. Daarnaast willen we 150.000 euro inzamelen bij het grote publiek. Daarvoor kan je storten op 000-0000092-92 met mededeling ‘0330’.
Deze middelen worden steeds besteed in overleg met onze partnerorganisaties ter plaatse. Deze zijn trouwens al druk bezig met het opmaken van een bilan van de schade en van de noden voor het voortzetten van hun lange termijn ontwikkelingswerk in de gemeenschappen.

Hoe lang is Broederlijk Delen al aanwezig in Haïti?

Broederlijk Delen is al sinds 1961 werkzaam in Haïti, dat is ondertussen dus bijna een halve eeuw. In die periode is hard gewerkt aan vorming van gemeenschapsleiders, die nu bewijzen bekwame initiatiefnemers te zijn. Twee van deze mensen zijn spijtig genoeg in de ramp omgekomen.


Wat is de filosofie van Broederlijk Delen in Haïti ?

Broederlijk Delen wil met de partnerorganisaties in Haïti een bijdrage leveren op twee belangrijke gebieden, namelijk duurzame landbouwontwikkeling en versterking van de rurale gemeenschappen enerzijds, en mensenrechten, democratisering en participatief burgerschap anderzijds. Bij dit laatste hoort ook de steun aan sociale communicatie en de werking van volksradio’s die instaan voor de informatie en vorming van de mensen in het binnenland waar geen geschreven pers aanwezig is.

In Haïti leeft 56% van de bevolking in extreme armoede. Een groot deel van deze mensen lijdt aan ondervoeding. Daarom ondersteunt Broederlijk Delen lokale boerengroepen en organisaties die deze boerengroepen begeleiden. Ze geven vorming en stellen werkmiddelen en zaaigoed ter beschikking. Zo kunnen de boeren hun oogst verbeteren, hun verkoop verhogen en van hun opbrengst leven.

In Haïti heerst veel rechtsonzekerheid en straffeloosheid. Vooral de gewone mensen zijn daar het slachtoffer van. Daarom is Broederlijk Delen ook partner van organisaties die de mensenrechten verdedigen, vorming geven en de bevolking correct informeren (via publicaties, radioprogramma’s, ateliers, enzovoort) over hun rechten en plichten als burgers.


Wie zijn de partnerorganisaties van Broederlijk Delen in Haïti?

De partnerorganisaties van Broederlijk Delen in Haïti zijn allemaal lokale organisaties die werkzaam zijn rond duurzame landbouwontwikkeling of mensenrechten. Een volledige lijst vind je op de website.

We weten dat door de aardbeving heel wat gebouwen en infrastructuur van onze partnerorganisaties beschadigd of vernietigd zijn. Gelukkig zijn er onder de directe medewerkers voorlopig geen slachtoffers.


 
Welke noden formuleren onze partnerorganisaties zelf?

De komende dagen zullen we met hen de schade opmeten. Onze partnerorganisaties zullen ons ook laten weten wat ze nodig hebben om met de wederopbouw te kunnen beginnen. Onze medewerker Gerrit Matton zal zo snel mogelijk terug keren om met hen een concreet masterplan op te stellen.

Zo hopen we onze partnerorganisaties zo vlug mogelijk opnieuw operationeel te kunnen maken. Een groot deel onder hen begeleidt de arme boeren bij de verbetering van hun voedselproductie. In de huidige situatie is dat essentieel. Ook op het platteland is er immers niet veel voedseloverschot en vele mensen trekken van de hoofdstad terug naar het binnenland waar ze bij familie of kennissen hopen onderdak en voedsel te vinden. Daarom is steun en versterking van de productie in het binnenland ook nu noodzakelijk.

De structurele heropbouw wordt in elk geval een werk van lange adem. De verzamelde middelen zullen dan ook besteed worden over een tijdspanne van meerdere jaren.


Waarom is Haïti eigenlijk een van de armste landen ter wereld?

Veel armoede heeft internationale (politieke) oorzaken. Door de huidige westerse import van voedseloverschotten bijvoorbeeld hebben de kleine boeren op Haïti het zwaar te verduren. Goedkope ingevoerde rijst verdringt de lokale productie. Ongebreidelde liberalisering doet het land geen goed.

Maar op Haïti weegt ook de geschiedenis zwaar door. Het is immers al heel lang een kaalgeplukt land. Tot 1804 was het een Franse kolonie, een echt wingewest. Voor de productie van het suikerriet werden veel Afrikaanse slaven ingevoerd. Bij de onafhankelijkheid waren deze niet klaar om een volwaardige staat uit te bouwen. Zij kregen aanvankelijk ook geen hulp of erkenning van het bange Westen en vervielen al spoedig zelf in de gehate meester/slaaf structuren. Bovendien eiste Frankrijk van hen een bijzonder hoge schadeloosstelling, die ze hebben afbetaald met de massale uitvoer van hun natuurlijke rijkdommen. Toen is de volledige kaalkap al begonnen. Tot het begin van de twintigste eeuw heerste er grote politieke instabiliteit waarvan de Verenigde Staten op een bepaald moment gebruik maakte om hun invloed in het Caribische gebied te vergroten. Zij hebben het eiland bezet van 1915 tot 1934. Haïti was nadien echter niet beter op zelfbestuur voorbereid. Corruptie en onbekwaamheid staken weer voor vijftig jaar de kop op, denken we maar aan de periode van de Duvaliers van 1957 tot 1986. Veel hoogopgeleide Haïtianen vluchtten naar het buitenland.

Met het aantreden van de eerste democratisch verkozen president Aristide in 1990 kwam er een historisch keerpunt. Ook al slaagde hij er niet in om het land op goede sporen te zetten, er kwam toch meer participatie vanuit de bevolking. Jammer genoeg blijft Haïti met structurele problemen kampen, waarbij de internationale gemeenschap niet steeds vrijuit gaat. Een hoge onterechte schuldenlast, de verplichte liberalisering en het vaak inhouden van beloofde fondsen maakten echte verandering en ontwikkeling onmogelijk.

Blog - Geluiden uit het Zuiden: Lees hier alle recente posts

  • Inleefverblijf en Cusco

    We beleefden net de meest intense dagen ooit ... een inleefverblijf om nooit te vergeten ... een verrijking, een levenservaring, een WAW en een OHHHH... We leefden elk in een gezin mee gedurende 2 volle dagen. We mochten er vertellen over ons leven, we luisterden naar het hunne, we gingen gras halen voor hun dieren, we plantten aardappelen, we bemestten met de blote hand, we aten mee, we genoten mee, we werden verrast door een verhaal van hoop ... We kunnen nog veel leren van de mensen hier, hoe primitief ze hier ook nog leven. Echt ongewoon, geen woorden om alles te beschrijven, sommigen van ons vertelden 100 uit, anderen bleven er stilletjes bij ...

    Vandaag mochten we een klein beetje toeristen met een rondrit door de Heilige Vallei, van contrast gesproken...

    Een dikke knuffel en tot heel heel gauw

    An en Joke

     

    Geschreven op zaterdag, 07 januari 2012 02:14 in Inleefreis
  • Arequipa

    Vandaag laatste dag in Arequipa. We hebben net een reflectiemoment achter de rug om eens te zien hoe het met de moraal van iedereen gesteld is. De meest indrukmakende momenten waren de mijnbezoeken. Het water was oranje van vervuiling en de getuigenis van Maria over haar 3 kinderen die kanker hadden was aangrijpend. Die mensen kunnen er zelf niets aan doen, maar dragen wel de gevolgen van de mijnbouw.

    Het is een complex probleem, de mijnen verschaffen werk maar vervuilen tegelijk de omgeving waardoor de mensen geen drinkbaar water hebben en een te hoog gehalte aan lood in het bloed hebben. Ondertussen is het onmogelijk om het water en de omgeving te recupereren, maar Broederlijk Delen geeft niet op en strijdt tegen het onrecht dat de fabrieken de bevolking aan doen. In La Oroya is daardoor een mijn wel gesloten, althans tijdelijk. Daardoor hebben de mensen geen werk meer, maar ... Het heeft allemaal zijn voor- en nadelen.

    In Cerro de Pasco hebben we een supergrote mijn gezien, op de hoogste stad ter wereld. En we zullen het geweten hebben, niet iedereen kon de hoogte even goed verdragen, maar de groep houdt zeer goed rekening met elkaar. Dat was een van de leuke zaken tot nog toe, dat we met zijn allen rekening houden met elkaar en goed zorgen voor mekaar.

    Andere zaken die ons zullen bij blijven. de verhalen van de jongeren van Don Bosco, de kinderen die geen schoentjes hebben in Majes, die zeggen dat ze dorst hebben, de vergadering met de politica en de plaatselijke bevolking in Majes... het zal blijven nazinderen.

    Over het algemeen zorgt deze reis voor een hogere betrokkenheid. De theorie in praktijk gebracht, we kennen al die problemen wel van de lessen en zo, maar nu kunen we gezichten plakken op al die mensen. Dat blijft toch beter plakken dan.

    Nu gaan we naar de inleefverblijven, dus even geduld :)

    Tot de volgende!
    Joke Bekaert

    Geschreven op zondag, 01 januari 2012 18:44 in Inleefreis
  • De laatste 3 dagen

    Weinig tijd om te verwoorden wat we de laatste 3 dagen meemaakten. Ongeloof, ontroering, WAW, amai, niet te doen, crimineel, ... dit zijn de termen die we de laatste 3 dagen in de mond namen bij het bezoek aan La Oroya , Tarma, Cerro de Pasco en de Stille Oceaan ... Nu vlug vlug de taxi in en dan de bus op naar Arequipa. Alles goed

    Geschreven op donderdag, 29 december 2011 23:37 in Inleefreis
  • De laatste 3 dagen

    Weinig tijd om te verwoorden wat we de laatste 3 dagen meemaakten. Ongeloof, ontroering, WAW, amai, niet te doen, crimineel, ... dit zijn de termen die we de laatste 3 dagen in de mond namen bij het bezoek aan La Oroya , Tarma, Cerro de Pasco en de Stille Oceaan ... Nu vlug vlug de taxi in en dan de bus op naar Arequipa. Alles goed

    Geschreven op donderdag, 29 december 2011 23:37 in Inleefreis
  • Dag 2 - Bezoek Don Bosco en Lima

    De wekkers stonden deze morgen om 6,45u of dat dachten sommigen toch. Nog wat moe van de lange reis, sprongen sommigen onder ons dolenthousiast om 5,45u uit hun beddeke, Dit was nu ook niet echt nodig ,,, In ieder geval, om 7,30u werden we na een verkwikkende, koude douche verwacht aan de ontbijttafel, maar daarvoor mochten eerst nog een paar vrijwilligers mee naar de winkel de inkopen doen. We mochten onmiddellijk weer ons beste Spaans bovenhalen, maar de pistolets smaakten er niet slechter om, integendeel ...

    Ons dagprogramma bestaat uit een bezoek aan het Don Bosco college en Lima zelf en daarvoor deelt de Padre ons in in familias, telkens 2 Peruaanse jongeren, 1 begeleider, 1 leerkracht en 4 van onze leerlingen. De rondleiding in deze technische school liet ons de machinezaal, burelen, klassen en de prachtige speelplaats zien, een perfect beeld van het reilen en zeilen, ook al is het hier nu ook vakantie. Daarna waren we klaar voor het echte werk, recht het centrum in, van plaza naar plaza, met onder andere een bezoek aan het Museo de los Minerales. Om 13u stonden we een busje op te wachten dat ons recht omhoog naar San Cristobal leidde, een ongewoon zicht op deze hoofdstad, met zijn mooie en minder mooie kanten. Ons middagmaal wordt ons geserveerd rond 14.45u in het eerste Don Bosco college in Peru. Na een toost met Salesiaanse wijn, kregen we als voorgerecht `papa de ...`, een aardappel met een specifiek sausje. Pollo con arroz (met koriander) was ons hoofdgrecht en we eindigden met een soort jelly van mais (wat niet iedereen kon bekoren). Lima doorkruisend, zakten we af richting slaapplaats, waar we uitgedaagd werden voor een matchke volleybal en voetbal Peru-Belgica. De vriendschapsbanden optimaal gesmeed, zijn we nu klaar voor een fiesta de noche ... Hasta luego ...

    Morgen en overmorgen bezoeken we Tarma en Cerro de Pasco, waardoor we er ten vroegste donderdag weer zijn.  

    P.S. Bij enkelen rezen de inzichten dat niet alles vanzelfsprekend is. Zo mag je niet verwachten dat er water uit de douche komt, of dat je de badkamerdeur zomaar open krijgt, of dat auto`s je vriendelijk over laten, bij `groen voor voetgangers` en een zebrapad, dat de Peruanen zeer veel moeten werken om er weinig voor in de plaats te krijgen, maar niet klagen... wat wij al te gemakkelijk zouden doen. We vinden het positief dat onze leerlingen oog hebben voor dergelijke zaken.

    Muchos saludos

    An Maes en Joke Bekaert

    Geschreven op dinsdag, 27 december 2011 01:51 in Inleefreis
AddThis Social Bookmark Button

Onze aanpak

Broederlijk Delen ondersteunt de plannen van mensen in het Zuiden. Hún plannen om onrecht en armoede te bestrijden. Dat is de beste garantie voor duurzame verandering.

 Werk mee als vrijwilliger

 Steun ons: schenk online

 Doe een gift op BE12 0000 0000 9292

Onze resultaten

De strijd tegen armoede lijkt soms niet meer dan een druppel op een hete plaat. Toch houden we hardnekkig vol. En we boeken wel degelijk resultaat.

Zonder Broederlijk Delen zou ik nog steeds in de mijn aan het werk zijn, opgesloten in mijn wereldje. Met hun hulp vond ik de moed om door te zetten en mijn diploma rechten te behalen.”
Lees het verhaal van Vidal in Peru

Blijf op de hoogte

Raadpleeg het 'Verdraaid archief':
 'Verdraaid' is een modern en kleurrijk tijdschrift voor vrijwilligers en schenkers met kwalitatieve artikels over het werk van Broederlijk Delen in Zuid en Noord