Q&A: de activiteiten van de Colombiaanse inlichtingendienst DAS

(17-02-2011)

Wat is het DAS?

Het DAS (Departamento Administrativo de Seguridad) is één van de veiligheids- en inlichtingendiensten van Colombia. Officieel staat het in voor het vergaren van inlichtingen in binnen- en buitenland om de binnenlandse veiligheid te garanderen (migratiefenomeen, de stijging van de criminaliteit en het bewaren van de publieke orde) daarnaast is het ook verantwoordelijk voor het waarborgen van de veiligheid van bedreigde personen.

Het agentschap telt bijna 7.000 werknemers en is gevestigd in 27 van de 32 departementen in Colombia. (ter vergelijking: de Belgische Staatsveiligheid telt ± een 400-tal werknemers). Het DAS staat onder directe bevoegdheid van de president en rapporteert ook rechtstreeks aan hem.

Waarom heeft Colombia zo’n zwaar uitgebouwde veiligheidsdienst?

Colombia is een land dat al zestig jaar lang verwikkeld is in een gewapend conflict. Sinds de jaren ’60 ontstonden diverse linkse guerrillagroepen, waarvan nu nog de FARC en het ELN actief zijn. Grootgrondbezitters richtten privélegers op ter verdediging van hun land. Daaruit ontstonden de extreemrechtse paramilitaire milities, die zich groepeerden in de AUC (Autodefensas Unidas de Colombia). Zowel de FARC, het ELN als de AUC staan op de internationale lijst van terroristische organisaties van de Europese Unie en de VS.

In de jaren ’80 werd het conflict verder aangewakkerd met de exponentiële groei van de cocaïnemaffia, die zich ook op grote schaal bewapende. De strijd tegen paramilitair geweld, guerrilla, cocaïnemaffia, corruptie en machtsmisbruik is van voortdurende invloed op de politieke situatie.

In 2002 kwam president Uribe aan de macht met de belofte om de linkse rebellen manu militari uit te schakelen. Een studie uit 2008 toont aan dat de overheidsuitgaven voor defensie, veiligheid en politie 6,5% van het BNP bedragen, dat is méér dan het budget voor onderwijs en gezondheidszorg samen. Het DAS vervult sinds het aantreden van president Uribe in 2002 een geprivilegieerde rol in het verwerven van inlichtingen om het ‘terrorisme’ in zijn land aan banden te leggen. Maar in werkelijkheid kregen het FARC en het ELN de zwaarste klappen door andere inlichtingendiensten dan het DAS (i.e. van politie en leger). De infiltratie van verschillende paramilitairen en maffialeden in het DAS hebben bijgedragen tot de evolutie van de inlichtingendienst naar een soort van geheime politieke politie van het regime.

Waarmee kwam het DAS recent in opspraak?

In 2009 kwam een omvangrijk schandaal aan het licht, ondermeer door een diepgaand onderzoek van een plaatselijk kwalitatief tijdschrift. Het DAS bleek een grootschalige operatie opgezet te hebben om tegenstanders van de regering Uribe te bespioneren en te neutraliseren, zonder dat daarvoor een gerechtelijk bevel was gegeven. Het betrof niet alleen het illegaal afluisteren van telefoonlijnen, het onderscheppen van e-mail, maar ook het fotograferen van verdachte personen en hun familieleden.

Burgers uit alle mogelijke groepen die kritisch staan tegenover de huidige regering werden geviseerd: leden van de oppositie, mensenrechtenorganisaties, vakbonden, journalisten en zelfs magistraten van het hooggerechtshof. Bovendien werd de inlichtingendienst ervan verdacht lastercampagnes te hebben opgezet en mee aan de basis te liggen van bedreigingen en moordzaken die in tussentijd gepleegd zijn door extreemrechtse paramilitaire groeperingen, praktijken die in interne rapporten van het DAS bestempeld worden als “offensieve informatie”.

Is dit de eerste keer dat het DAS in opspraak komt?

Neen. Al in 2006 brachten diverse belangrijke media aan het licht dat toenmalig directeur Jorge Noguera betrokken was bij de infiltratie van paramilitairen in de structuren van het DAS. Daarnaast kwam aan het licht dat het DAS op illegale wijze als “links” bestempelde mensenrechtenactivisten, leden van de oppositiepartijen en journalisten bespioneerde. Gezien deze personen “er misschien van verdacht konden worden sympathisanten van de guerrilla te zijn”, kreeg deze affaire relatief weinig aandacht. De zaak ging pas echt aan het rollen toen bleek dat leden van het hooggerechtshof en leiders van de traditionele partijen evengoed bespioneerd werden. Er volgden gerechtelijke onderzoeken en enkele veroordelingen, maar de president bleef volhouden dat het ging om een poging om het DAS in diskrediet te brengen en het land te destabiliseren.

Toen het parket in 2009 de kantoren van het DAS binnenviel voor een gerechtelijk onderzoek, kwam de omvang en de ernst van de feiten verder aan het licht. Diverse operaties met de namen ‘Amazonas’, ‘Transmilenio’, ‘Bahía’, ‘Halloween’, ‘Arauca’, ‘Intercambio’, ‘Risaralda’, ‘Internet’ en ‘Europa’ werden ontdekt, allen gericht op het counteren van instanties die kritisch staan ten aanzien van het regime.

Welke bedoeling had de spionageoperatie van het DAS?

Doelstellingen waren onder andere: verdeling zaaien binnen de oppositiebewegingen en de acties van Colombiaanse en buitenlandse ngo’s te neutraliseren. De strategieën die hiervoor werden gebruikt: ngo’s en oppositiebewegingen in diskrediet brengen en saboteren door allianties te sluiten tussen de Colombiaanse en buitenlandse inlichtingendiensten, de pers in te schakelen, bedreigingen te uiten en chantage uit te oefenen.

Het zwaarst weegt het dossier tegen voormalig directeur Noguera, aangezien onder zijn leiding, in 2005 het DAS namen van “verdachte personen” zou hebben doorgespeeld aan paramilitaire groepen. Verschillende personen die voorkwamen op de lijsten van het DAS, zijn effectief ook vermoord. Jorge Noguera wordt momenteel ondervraagd als vermeende opdrachtgever in 4 moordzaken.

Waarom worden de colombiaanse mensenrechtenorganisaties geviseerd door het DAS?

De Colombiaanse mensenrechtenorganisaties en sociale bewegingen werken, in het bijzonder onder de regering Uribe (2002-2010) in een sfeer van wantrouwen en soms zelfs openlijke vijandigheid. De Colombiaanse regering heeft ervoor gekozen om het Colombiaanse conflict via militaire weg op te lossen en geeft daarvoor grote autonomie aan leger, veiligheidsdiensten en politie.

Dat mensenrechtenorganisaties nauwlettend toekijken op misbruiken van die macht, wordt niet in dank afgenomen. Herhaaldelijk werden de Colombiaanse mensenrechtenorganisaties door de voormalige president zelf gestigmatiseerd als “antipatriottische organisaties” of “handlangers van de guerrilla”. Deze ngo’s vertegenwoordigen frequent slachtoffers in ophefmakende gerechtszaken over (massa)moorden begaan door paramilitaire groepen waarin de medeplichtigheid van het leger is aangetoond. Door hun volgehouden onderzoekswerk, konden de Colombiaanse mensenrechtenorganisaties bvb. aantonen dat het leger in de afgelopen jaren meer dan 3000 burgers heeft geëxecuteerd en deze daarna heeft voorgesteld als guerrillastrijders omgekomen ‘in gevechten’. Daarnaast hebben mensenrechtenorganisaties ook een belangrijk aandeel gehad in het blootleggen van de banden tussen de illegale paramilitaire groeperingen en politici tot op het hoogste niveau, grotendeels politici van de regeringspartijen.

Welke impact heeft het DAS-schandaal op de partnerorganisaties van Broederlijk Delen?

De spionageaffaire heeft een grote impact op de medewerkers van mensenrechtenorganisaties. Niet alleen zijzelf, maar ook hun familie en kinderen worden geviseerd en dat zorgt voor emotionele destabilisatie. De groeiende golf van bedreigingen en intimidaties door onbekenden creëert een sfeer van onveiligheid en machteloosheid. Het verzamelen en lekken van gevoelige informatie over organisaties, kan er ook voor zorgen dat organisaties onderling wantrouwig worden en zich meer op zichzelf terugplooien, waardoor een krachtige gezamenlijke reactie verhinderd wordt. In 2009 heeft een brede coalitie van mensenrechtenorganisaties en ngo’s daarom een campagne opgezet om de legitimiteit van de mensenrechtenactivisten aan te tonen en hun werk te ondersteunen. Meer informatie hierover vind je op www.colombiadefensores.org

Verschillende partnerorganisaties van Broederlijk Delen volgen van zeer nabij de evolutie in het proces van het DAS in Colombia. Eén van deze organisaties, het CAJAR (Collectief van Advocaten), één van de belangrijkste doelwitten van het DAS, neemt de verdediging op van heel wat ngo’s die het slachtoffer van het DAS werden alsook van een politica van de oppositie, Piedad Cordoba.

Wat is “Operatie Europa”?

Het DAS beperkte zijn activiteiten niet tot het nationale grondgebied, maar was actief tot in het Europese Parlement en de VN-instellingen. Het nieuws werd in april 2010 bekend gemaakt door het Spaanse Europarlementslid Romeva, tijdens een debat over de EU-strategie voor Latijns-Amerika. Het DAS verzamelde informatie via spionage, afluisterpraktijken en e-mailcontrole. Hiermee moesten instanties zoals de subcommissie mensenrechten van het Europese parlement in diskrediet gebracht worden. Een bijkantoor van het DAS zou in Europa zijn geïnstalleerd om audiovisuele opnames te maken van “opposanten van de Colombiaanse regering”, er werd een lijst aangelegd van welke Europarlementairen het regime niet genegen zijn.

Het DAS, onder leiding van de eerste directeur benoemd door president Uribe, Jorge Noguera, stuurde twee jaar lang (2004-2005) M. German Villalba naar Europa met als doel een netwerk op te bouwen van informanten in verschillende landen als Italië, Spanje, Duitsland, Frankrijk, Nederland en België.

Op 5 januari 2011, bekende German Villalba verantwoordelijk te zijn voor misdrijven van samenzwering, het illegaal onderscheppen van communicatie en andere strafbare feiten, waarvoor hij zich wenst te onderwerpen aan een vervroegde straf, om op een publiek proces niet gedwongen te worden hiervan bewijzen op tafel te moeten leggen.

German Villalba gaf toe in Brussel twee informanten te hebben gerekruteerd, een man en een vrouw. Gedurende twee jaar reisde hij maandelijks naar Brussel om zijn informanten te vergoeden en nieuwe informatie van hen te verzamelen. Toen hij ondervraagd werd over de aanwezigheid van andere inlichtingsnetwerken van de Colombiaanse staat in Europa, gaf hij aan over deze feiten geen verder informatie te willen vrijgeven.

Waarom worden Belgische en Europese organisaties geviseerd?

De Belgische en Europese NGO’s die actief zijn in Colombia werken samen met mensenrechtenorganisaties en sociale bewegingen in Colombia. Zij komen op voor de rechten van de slachtoffers van het conflict en willen een einde maken aan het klimaat van straffeloosheid. Één van de gesteunde activiteiten is de opmaak van periodieke rapporten over de mensenrechtenschendingen die begaan worden door diverse gewapende actoren, zowel de illegale actoren als ook het leger, de politie en de veiligheidsdiensten. Ze begeleiden bezoeken uit Colombia aan de Belgische en Europese politici. Op die manier willen ze ervoor zorgen dat de kritieke toestand van de mensenrechten in Colombia door de Belgische en Europese beleidsmakers wordt opgevolgd.

Welke informatie werd er over de Belgische en Europese ngo’s ingezameld?

Verschillende ngo’s beschikken over kopieën van de opdrachten die geformuleerd werden binnen de G3, de bijzondere afdeling van het DAS die de ngo’s moest onderzoeken. In die documenten wordt de opdracht gegeven om medewerkers van de ngo’s te bespioneren, na te gaan welke banden (anders dan professionele) ze hebben met medewerkers van de partnerorganisaties in Colombia, welke Colombiaanse organisaties ze financieren.  Er werd ook de opdracht gegeven ‘te verhinderen dat deze ngo’s EU-financiering zouden bekomen en ervoor te zorgen dat ze hun financiering aan de partnerorganisaties in Colombia zouden stopzetten. Er werden e-mails onderschept en er werd foto- en videomateriaal over medewerkers verzameld. Daarnaast was er ook sprake van diefstal van documenten en vertrouwelijke informatie uit de woning van een Belgisch-Colombiaans pleiter in België: het ging hierbij om aanklachten tegen de Colombiaanse staat die op het Internationaal Strafhof in Den Haag zouden worden ingediend.

Welke tegenacties worden ondernomen door de Colombiaanse regering?

Sinds het aan het licht komen van de schandalen, heeft de Colombiaanse regering er alles aan gedaan om haar imago in het buitenland te herstellen. De hele zaak ligt bijzonder gevoelig omdat de nieuwe president moet bewijzen dat de operaties van het DAS tot het verleden behoren. Er zijn tientallen functionarissen van het DAS ontslagen of overgeplaatst naar andere diensten. Daarnaast wordt er een grondige hervorming gepland van de veiligheids- en inlichtingendiensten.

Het opdoeken van het DAS als instituut werd meerdere keren aangekondigd door voormalig president Uribe, maar is tot op vandaag nog niet uitgevoerd. Het parket heeft twee afzonderlijke onderzoeken ingesteld, voor de periode vóór en de periode na 2006, waarbij een twintigtal functionarissen van het DAS, waaronder ook 4 directeurs betrokken zijn. Een voorbereidend onderzoek is geopend naar huidig directeur Felipe Muñoz, die al in functie was toen het schandaal losbarstte en die ook officieel bekrachtigd is door de nieuwe president. Felipe Muñoz wordt ervan verdacht informatie te hebben achtergehouden en het onderzoek van justitie te belemmeren. Enkele uren voor het gerechtelijk onderzoek op de hoofdzetel van het DAS, werden inderdaad grote hoeveelheden informatie vernietigd en/of verwijderd uit de kantoren, zo blijkt uit opnames van bewakingscamera’s.

Hoge functionarissen uit de omgeving van de president van de republiek zijn ook betrokken in het onderzoek (de juridisch adviseur, de persverantwoordelijke en een persoonlijk raadsman van de president). De voormalige directrice van het DAS Maria del Pilar Hurtado op de vlucht voor het Colombiaanse gerecht, vroeg en verkreeg politiek asiel in Panama, met de steun van Alvaro Uribe. Eind 2010 nodigde Alvaro Uribe Vélez openlijk enkele van zijn naaste medewerkers uit om het land te ontvluchten en politiek asiel aan te vragen.

Steeds meer getuigenissen van voormalig functionarissen van het DAS geven aan dat voormalig president Uribe persoonlijk op de hoogte was van deze acties van het DAS. De Commissie van Inbeschuldigingsstelling van het Colombiaans parlement is het orgaan dat bevoegd is voor dit type van onderzoeken. Deze commissie heeft beslist om een gerechtelijk vooronderzoek in te stellen, maar de leden van de commissie komen voornamelijk uit de coalitie van de ex-president zodat geen enkele aanklacht zal worden ingediend zonder hun instemming.

De Colombiaanse mensenrechtenorganisaties dringen erop aan dat er een integraal onderzoek gevoerd wordt naar de DAS affaire, die alle verantwoordelijken viseert. Ze willen ook dat zij betrokken worden in het overleg over de door te voeren hervormingen.

Welke houding nemen Europa en België aan ten aanzien van Colombia?

In 2009 sloot België een investeringsakkoord af met Colombia. Dit besluit werd door het Vlaamse en het Brusselse parlement teruggefloten omwille van het slechte mensenrechtenrapport van de Colombiaanse overheid. Samen met de Belgische ngo’s hebben de vakbonden zwaar gewogen op deze beslissing. Bijna twee derde van de moorden op vakbondsleden ter wereld doen zich immers voor in Colombia. De Europese Unie zette  desondanks op 19 mei 2010 op de officiële top in Madrid de eerste stappen om een vrijhandelsakkoord met Colombia en Peru af te sluiten. Commerciële belangen primeren blijkbaar nog altijd op de aandacht voor mensenrechtenschendingen.

 

Untitled Document

nieuwsbrief facebook you tube twitter

Deodora_goudmijn

Blogs - Geluiden uit het Zuiden

>> Lees alle blogs

Aanmelden