Oud-dictator Fujimori wordt berecht in Peru
(28-09-2007)Op zaterdag 23 september zette oud-president Alberto Fujimori opnieuw voet op Peruaanse bodem. 7 jaar lang was hij op de vlucht voor de Peruaanse justitie, eerst in Japan en daarna in Chili. Zijn terugkeer had hij zich waarschijnlijk anders voorgesteld. Na een lange procedureslag voor het Chileense gerecht, werd hij immers uitgeleverd aan Peru om hier terecht te staan voor 7 misdrijven, gaande van misdaden tegen de menselijkheid tot corruptie. Een historische beslissing van het Chileense Hooggerechtshof, die internationaal op luid applaus werd onthaald maar hier op gemengde reacties botst. De familieleden van de slachtoffers van Fujimori’s regime hopen dat eindelijk gerechtigheid kan geschieden. De regering ziet de voormalige president waarschijnlijk veel minder graag komen. Het lot van Alberto Fujimori wordt ongetwijfeld een belangrijke factor in de Peruaanse politiek van de komende maanden en jaren.
Even terug in de tijd: van redder des vaderlands tot corrupte dictator
Alberto Fujimori won in 1990 verrassend de presidentsverkiezingen in Peru. Deze landbouwingenieur met Japanse stamboom was tot dan toe een nobele onbekende in de Peruaanse politiek, wat niet kon worden gezegd van zijn belangrijkste tegenstrever en kandidaat van conservatief-rechts, de schrijver Mario Vargas Llosa. Zijn leuze “technologie, eerlijkheid en werk” wist in 1990 vele kiezers te bekoren.
Fujimori erfde van Alan García, nu opnieuw president, een land in de wurggreep van torenhoge inflatie, corruptie en bovenal het gewapende conflict met de maoïstische terreurbeweging Sendero Luminoso (Lichtend Pad) en kleinere guerrillagroepen zoals de MRTA. De inheemse bevolking in het bergland kreeg het hard te verduren en werd meegezogen in een spiraal van geweld, geklemd tussen het Lichtend Pad, leger en politie. Volgens de Waarheidscommissie lieten meer dan 60000 Peruanen in de periode 1980-2000 het leven als gevolg van politiek geweld.
Fujimori toonde zich algauw een trouwe volgeling van de Wereldbank en het IMF, wier neoliberale dogma’s hij strikt toepaste. Een economisch schokbeleid slaagde erin om onder meer de hyperinflatie onder controle te krijgen.
In de strijd tegen het terrorisme heiligde het doel de middelen: beklaagden werden zonder garanties op een eerlijk proces veroordeeld tot zware straffen door anonieme rechters. De paramilitaire groepering “Grupo Colina” ontvoerde en vermoordde politieke tegenstanders of mensen verdacht van terrorisme. De harde aanpak van Lichtend Pad leidde tot een escalatie van het politieke geweld. Het strijdtoneel verschoof steeds nadrukkelijker naar de hoofdstad Lima, onder andere omdat in het binnenland de enkele jaren voordien gevormde rondas campesinas, een soort rudimentair bewapende boerenmilities, de bewegingsvrijheid van Sendero danig begonnen in te perken.
1992 was echter een keerpunt. In april van dat jaar ontbond Fujimori met de hulp van het leger het Parlement. Hij wilde zijn machtsbasis versterken en zijn politiek van neoliberale hervormingen stevig verankeren. De arrestatie in september van Abimael Guzmán, de ideoloog en absolute leider van Lichtend Pad, luidde het verval van deze terreurbeweging in en viel voor Fujimori op een uitstekend moment. Hoewel hijzelf er weinig verdienste aan had, stak hij de pluimen toch op zijn hoed. De bijkomende populariteit die hij ermee oogstte, garandeerde hem enkele maanden later immers de controle over de nieuw verkozen grondwetgevende vergadering. De Grondwet van 1993 was (en is nog steeds) de hoeksteen voor een wetgevend kader dat verregaande rechten toekent aan buitenlandse investeerders. Privatiseringen van sleutelsectoren in de Peruaanse economie (o.a. mijnbouw, telefonie, energie, transport), verregaande flexibilisering van arbeid, afzwakking van de rechten van inheemse en boerengemeenschappen, en een drastische afslanking van het overheidsapparaat, moesten de Peruaanse economie competitief maken en de macroeconomische cijfers blauw kleuren. Met succes, maar ook met een hoge sociale kost (afdankingen, informaliteit, milieuconflicten, enz.) en groot verlies van soevereiniteit. In deze periode verwierven o.a. de grote mijnbedrijven grote invloed binnen het overheidsapparaat. De opbrengsten van de massale uitverkoop stelden Fujimori echter in staat om de sociale onvrede in te perken met dikwijls populistische maatregelen. Samen met een goed uitgekiende communicatiestrategie bezorgden die hem – tot vandaag - een grote populariteit bij een deel van de arme bevolking. Voor velen blijft Fujimori de enige president die hen ooit bezocht heeft, of ook maar iets, hoe klein ook , heeft geschonken.
De rechtsstaat werd steeds verder ondermijnd: mensenrechtenschendingen gepleegd sinds 1980 door overheidsfunctionarissen werden dankzij de Amnestiewet van 1995 met de mantel der liefde bedekt. Peru trok zich terug uit het Interamerikaans Systeem voor de Rechten van de Mens. Peru geraakte meer en meer geïsoleerd op internationaal vlak.
De val van het regime
Vladimiro Montesinos, hoofd van de nationale inlichtingendienst (SIN) en Fujimori’s vertrouwensman, trok achter de schermen aan vele touwtjes. Hij manipuleerde media die voor veel geld bereid werden gevonden om politieke tegenstanders in een kwaad daglicht te stellen en positief te berichten over Fujimori’s regering. Hij kocht militairen, politici, bedrijfsleiders, journalisten en andere bekende Peruanen om en nam al deze gesprekken op videotape op, om de betrokkenen nadien daarmee te kunnen chanteren. De corruptie – op zich reeds een oud zeer in Peru – wortelde zich diep tot in alle geledingen van de samenleving. Alles en iedereen leek te koop, ethische normen vervaagden.
Het uitlekken van die zogenaamde “vladivideos” zou zich later tegen Montesinos keren en de val van Fujimori’s regime bespoedigen. In een poging om zijn hachje alsnog te redden, nam Fujimori afstand van zijn voormalige rechterhand en leidde zelf een pathetische klopjacht. Velen menen dat hij daarmee vooral de overblijvende vladivideos in veiligheid wou brengen en sporen van de nauwe samenwerking met Montesinos uitwissen. Vermoed wordt dat Fujimori een hoop bezwarend materiaal naar Japan overbracht, net voor zijn definitieve vlucht. Een laatste poging om nieuwe verkiezingen te manipuleren, mislukte. Fujimori nam per fax ontslag als staatshoofd vanuit Tokyo, en Valentín Paniagua trad aan als interim-president tot de verkiezing van Alejandro Toledo in 2001.
Op de vlucht voor de Peruaanse justitie
In Japan vertoefde Fujimori in obscure maffieuze kringen. Hij kon er rekenen op onvoorwaardelijke bescherming door de Japanse overheid, zich verschuilend achter zijn dubbele Japanse en Peruaanse nationaliteit. Het Keizerrijk levert immers onder geen beding eigen onderdanen uit, zelfs niet indien die beschuldigd worden van zware misdaden. Dat Fujimori eerder in Peru bij hoog en bij laag beweerde dat hij zich tot in zijn diepste vezel Peruaans voelde, bleek van geen tel. De spectaculaire manier waarop in 1997 met succes een einde werd gemaakt aan een gijzelingsactie in de Japanse Ambassade in Lima, leverde hem in Japan heel wat krediet op dat hij goed wist te gebruiken.
Eind 2005 verraste Fujimori iedereen door met een privé-vliegtuigje via Mexico naar Chili te vliegen. Hij hoopte van daaruit de Peruaanse politiek sterker te kunnen beïnvloeden om een terugkeer op het politieke toneel voor te bereiden. Met enig succes, want met 13 zetels in het Parlement verwierf de fujimoristische partij een niet te verwaarlozen politieke macht, die bijna uitsluitend wordt gebruikt om over het lot van hun leider te waken. Zijn dochter Keiko haalde het hoogste stemmenaantal van alle Parlementsleden en wordt getipt als een kandidaat-opvolgster voor Alan García. Waar haar vader echter niet op had gerekend, was dat hij op de luchthaven van Santiago in de boeien werd geslagen en nadien onder huisarrest geplaatst. In een kast van een villa in de meest luxueuze wijk van de stad, wel te verstaan.
Een laatste troefkaart om te ontsnappen aan uitlevering was Fujimori´s kandidaatstelling voor de Japanse Senaatsverkiezingen. Hij slaagde erin om deze – mislukte - wanhoopsdaad aan zijn aanhangers te verkopen als een strategie om de Peruaanse belangen nog beter te kunnen verdedigen. Nog volgens de oud-dictator, is zijn uitlevering een goed uitgekiende strategie om dichter bij zijn geliefde volk te zijn. De cynische Fujimori ten voeten uit.
De aanklacht
De 7 aanklachten waar Fujimori voor berecht wordt, zijn op te delen in 2 grote thema’s:
- Schendingen van de mensenrechten: zijn betrokkenheid als politiek verantwoordelijke en vermoedelijke opdrachtgever van de moordaanslagen op 9 studenten en hun professor in de universiteit van La Cantuta, en op 15 burgers in de wijk Barrios Altos, door het paramilitaire commando “Grupo Colina”
- 5 emblematische gevallen van fraude en corruptie: o.a. betaling van 15 miljoen USD aan Montesinos voor bewezen diensten.
Kans of gevaar voor het democratiseringsproces
| Een reacties vanuit één van onze partnerorganisaties: “Voor de familieleden van de slachtoffers van Barrios Altos en La Cantuta en voor alle andere slachtoffers, is dit een lichtpunt. Vandaag is een dag om te vieren, want [de uitlevering van Fujimori] opent een weg naar gerechtigheid en motiveert ons als beweging Para Que No Se Repita om door te gaan” (Rosa Villarán, coördinatrice van Movimiento Para Que No Se Repita) |
Voorlopig overheerst een gevoel van optimisme, een besef dat het proces van Fujimori een historische kans biedt om het slabakkende democratiseringsproces een nieuw elan te geven:
- De berechting van Fujimori was een verzuchting van vele Peruanen, niet in het minst van de familieleden van de slachtoffers van de mensenrechtenschendingen onder zijn bewind. Zij zien dit proces als een kans op gerechtigheid.
- Voor de Peruaanse samenleving kan het proces louterend werken, en een aanleiding zijn om de waarheid te achterhalen over wat gebeurd is tijdens Fujimori’s regeerperiode. Montesinos en andere medestanders van het regime werden reeds veroordeeld. Een hoop onwelriekende praktijken blijven echter nog verborgen. De confrontatie van Fujimori met getuigen (o.a. met Montesinos) kan heel wat nieuwe elementen opleveren.
- Niet alleen de persoon Fujimori zit op het beklaagdenbankje. De hoop leeft dat dit proces ook een debat op gang brengt over het haast ongewijzigde economische en sociale beleid, over de verstikkende macht van elitaire economische groepen binnen de Peruaanse politiek, die werd opgebouwd tijdens Fujimori’s bewind.
- De Peruanen durven wel eens kort van memorie te zijn in het stemhokje, getuige daarvan de terugkeer van huidig president Alan García 16 jaar na diens desastreuze eerste regeringsperiode. Voor de jongere generatie – die heel sterk weegt op de verkiezingsuitslagen in een land met stemplicht – kan het geen kwaad om het geheugen nog eens op te frissen over hoe 8 jaar dictatuur de Peruaanse samenleving verziekten.
De aanwezigheid van Fujimori houdt echter ook gevaren in.
- Dat bleek het voorbije weekeinde, toen een groep gewapende vandalen “El Ojo Que Llora”, een monument voor vrede en verzoening ter herdenking van alle slachtoffers van het politieke geweld, vernielden en besmeurden. Volgens sommigen een duidelijk signaal naar o.a. de familieleden van de slachtoffers van de terreur onder Fujimori’s regime om Fujimori (en zijn medestanders) met rust te laten.
- De regeringspartij APRA, met president Alan García op kop, deed weinig moeite om Fujimori naar Peru te halen. Zij hadden hem ongetwijfeld liever naar Japan zien terugkeren. De partij van Fujimori bleek het voorbije jaar een trouwe bondgenoot van de APRA, die ze een parlementaire meerderheid garandeerde. Beide groepen delen in belangrijke mate een rechts-conservatief gedachtengoed (ondanks de sociaaldemocratische stempel die de APRA zichzelf geeft) en autoritaire neigingen. Sinds Fujimori in Peru is, blijkt dat er aan het bodgenootschap wel degelijk voorwaarden verbonden zijn.
- Maar misschien nog belangrijker is dat het hele proces de donkere periode van huidig president Alan García’s eerste regering terug naar voren haalt. De president – die zelf negen jaar in ballingschap verbleef - moest nooit echt verantwoording afleggen voor de zaken van corruptie en mensenrechtenschendingen onder zijn bewind. Het proces van Fujimori is dus ook, op een impliciete manier, het proces van de voorafgaande regeringen. Een explosieve cocktail.
- Tenslotte blijft het risico bestaan dat Fujimori niet schuldig wordt bevonden aan de zwaarste misdaden, wegens gebrek aan overtuigend bewijsmateriaal, of politieke inmenging in het proces. Dat zou zijn positie aanzienlijk versterken en de politieke kaarten kunnen herschudden, met hemzelf (of zijn dochter) als grote winnaars.

