Het dagelijkse leven en werk in Kaolack

(12-06-2007)

Het dagelijkse leven in Senegal

De meerderheid is hier moslim, waardoor er minder bier, meer schapenvlees, meer thee, meer luidruchtige moskees en meer polygamie te vinden is dan in het gemiddelde Vlaamse gezin. Naast de meerderheid is er natuurlijk ook een minderheid, de christenen. Samen leven ze in een mooie harmonie.

Kaolack, de stad waar ik woon is een provinciestadje ten zuidoosten van Dakar. Wegens zijn centrale ligging is het - net als Mechelen - een ideale uitvalbasis om het hele land te bezoeken. Verplaatsen in de stad doe ik me in een aftandse peugeot (‘Taxi solidarité’) of achterop een brommertje (‘Vélo’). Die brommertjes rijden als zotten en verleden week nog werd er één gegrepen door een camion (afgaande op de slachtoffers met levensbedreigende afloop). Asfaltwegen zijn hier niet echt de regel, dan wel de uitzondering. De ‘poussière’ kan dus wel eens hinderlijk zijn, zeker in combinatie met de warmte. De warmte: net zoals bij de gesprekken met de Vlaamse buurvrouw is het klimaat ook hier het onderwerp in 90% van de conversaties. Het is te zeggen, nadat het begroetingsritueel is beëindigd. Want toch eerst even vragen hoe het is met jou, met je vrouw, met jou, met de kinderen, met jou, met de familie, met jou en met het werk. Een mens zou voor minder wachten met vrouw en kinderen. Trouwen en kinderen maken gebeuren hier niet echt extreem vroeg trouwens en scheidingen en (in mindere mate) voorhuwelijkse seksualiteit zijn behoorlijk aanvaard.



Wat valt er zoal te zien in Kaoloack?

Het hart van de stad is ongetwijfeld de ‘marché’. Volgens de Lonely Planet de tweede grootste overdekte markt van Afrika, na Marrakesh. Kaolack ligt ook aan de delta van de Saloum, een rivier waarin aan zoutwinning wordt gedaan. Aan de oevers vormen zich twee strandjes waar het door de frisse wind aangenaam vertoeven is. Tijdens de weekends worden ze dan ook geregeld bezocht met Tocoma (de collega en overbuur waarmee ik het nauwst samenwerk) en zijn dochters. Meestal wordt dit in de namiddag voorafgegaan door een gezellige thee-klets (het maken van de thee wordt hier als een halve kunstvorm beschouwd) met de buren. Zo is er Biran, zoon van een dierenarts, en onderwijzer op het platteland tijdens de week. Hij durft geregeld eens afkomen met een straf verhaal, gaande van kippenetende cobra’s tot mensenvolgende hyena’s. Ik durf dan al niets meer zeggen over mijn strijd met de muggen, mieren, kakkerlakken en muizen (allen tot dusver trouwens gewonnen!.

Alhoewel de rechtervoet nog niet helemaal hersteld is en voetballen dus is uitgesloten, komt een voetballiefhebber hier niets te kort. Zo werd er voor de Champions league-finale uitgeweken naar een volgepakte en sfeervolle binnenkoer, in de buurt van het stadion. Bijna vergelijkbaar met de eindrondesfeer ‘Achter de kazerne’, zeker na de uitbarstingen van de (meerderheid aan) Milan-fans bij de doelpunten en bij elke baltoets van Kaka. Voor de rest wordt hier op werkelijk elke hoek van de straat gevoetbald en in augustus begint het kampioenschap van de ‘Quartiers’, dat moet naar het schijnt serieus de moeite zijn. Malick, de schoonbroer van Tocoma speelde vorig jaar de finale bij de kadetten. Afgelopen weekend mocht hij testen bij een ‘Duitser’ (afgaande op het feit dat de drie aanwezige scouts heel de tijd Spaans spraken, vermoed ik toch dat het eerder Spanjaarden waren) om geselecteerd te worden bij de drie beste Senegalese kadetten. Deze vormen dan met de drie besten uit 6 andere Afrikaanse landen een Afrikaanse jeugdploeg die zal deelnemen aan een internationaal tornooi. Velen zijn echter geroepen (en ontgoocheld), weinigen uitverkoren. Want zoals bekend wil bijna elke jongere hier richting Europa. Ah klein voetbaldetail: de ploeg van ’t stad noemt Saloum (naar de rivier) en speelt zowaar in groen-wit, net als Cordoba en de tering-Racingers.

Mijn werk bij Caritas Kaolack


Ik werk dus voor Caritas Kaolack, meerbepaald voor de ESOP afdeling (dit is de partnerorganisatie van Broederlijk Delen), die zich bezighoudt met ondersteuning van de landbouwers door vormingen, technische hulp, beheer van natuurlijke hulpbronnen en vooral microkredieten. Microkredieten zijn kleine kredieten die worden toegekend aan groepen van boeren. De groep moet terugbetalen, aan een interest van 10% per zes maanden. Meestal is er één groep per dorp. De groepen moeten aangesloten zijn bij een boerenorganisatie (BO), want het is deze BO die de kredieten toekent. De rol van ESOP is naast het verschaffen van het beginkapitaal aan de BO’s ook zorgen voor vormingen (financieel, organisatorisch), raadgevingen etc. ESOP werkt momenteel samen met 4 BO’s, waarvan de meesten al financieel onafhankelijk zijn. Door de hoge terugbetalingsgraad en interest kunnen ze immers hun kosten dekken en zelfs hun totaal kapitaal en verschafte kredieten jaarlijks uitbreiden. Er zijn verschillende vormen van microkrediet, gaande van kredieten voor ‘petit commerce’, vee, zaaigoed (in natura), landbouwmateriaal, educatie en gezondheid. Het is niet altijd een succesverhaal natuurlijk, zo werd er ook eens een samenwerking stopgezet met een BO, wegens wanbeheer.

Wat doe ik hier vraag je je misschien af? Momenteel ben ik bezig met een ‘portrait de communauté’ van de dorpen die vallen in een gebied van een BO waarmee ESOP wil beginnen samenwerken. Het is de bedoeling dat het juiste gamma van kredieten beschikbaar wordt en de juiste vormingen voorzien worden voor deze BO. Aan de hand van enquêtes wordt ook een typologie op punt gesteld om een schatting te maken van het inkomen van de leden van de organisatie. Enkele representatieve families per type (zeer arm tot gemiddeld rijk) worden dan in detail gevolgd. Er wordt een instrument ontwikkeld waardoor ze op korte termijn nauw opgevolgd worden, waardoor hun noden en problemen in het omgaan met de kredieten en de dagelijkse moeilijkheden kunnen opgespoord worden. Door hier op in te spelen kunnen we dan voor elk type van familie proberen te begrijpen welke vormen van krediet en/of vorming het meest aangewezen is. Op termijn is het de bedoeling dat de BO’s dit zelf kunnen. Zo zullen zij (via een tool), wanneer nieuwe families zich aansluiten, door een korte vragenlijst kunnen bepalen wat voor type familie het is en hun raadgevingen hieraan aanpassen. Het inspelen op de behoeften gebeurt dus op familieniveau (van onderuit) alsook op gemeenschapsniveau (van bovenuit). Klinkt waarschijnlijk vaag en warrig, maar bij terugkomst zal het tijdens een gesprek aan de toog allemaal duidelijk worden (waarna het door overdreven alcoholconsumptie de volgende dag weer vergeten is). Verder ga ik ook een poging wagen om een website te maken, als de tijd en de snelheid van html-onder-de-knie-krijgen het toelaten.

Toch even vermelden ook voor de sceptisci die me ‘met de paterkes’ zagen vertrekken. Hoewel Caritas een christelijke organisatie is en de meerderheid van de collega’s volgelingen zijn van de zoon van de Timmerman, werken er ook verschillende moslims, waaronder Tocoma, voor Caritas. En het belangrijkste is dat de doelgroep, de boeren, bijna hoofdzakelijk moslims zijn. Er wordt eigenlijk zelden tot nooit op het onderscheid ingegaan, aangezien het hier voor iedereen normaal is. Om het dus met de woorden van Yves Letherme te zeggen is de ‘Perceptie van de Vlaming een vertekend beeld’.

Voor de rest is het uitkijken naar volgend weekend (verkiezingen en weekendje Dakar), het regenseizoen en de daarmee gepaarde afkoeling, de reisjes naar Ghana en/of met de bezoeker(s), het Broederlijk Delen jongerenkamp eind juli-begin augustus waarbij Vlaamse jongeren Kaolack en omgeving zullen aandoen etc etc.

 

Untitled Document

nieuwsbrief facebook you tube twitter

Deodora_goudmijn

Blogs - Geluiden uit het Zuiden

>> Lees alle blogs

Aanmelden