Concurreren tegen reuzen
(15-03-2007)In Burkina Faso is 86% van de bevolking actief in landbouw en veeteelt. Ondanks een aantal hervormingen, blijft de economie van het land vrij fragiel. Meer dan de helft van de bevolking leeft onder de armoedegrens. Het merendeel daarvan zijn boeren. Terwijl in het droge noorden eerder sorghum, gierst en aardappelen worden geteeld, is de rijstteelt in het zuiden belangrijk voor de nationale consumptie, zeker in de steden. Maar invoer van goedkope rijst bedreigt de inspanningen om de Burkinese rijstproductie te verbeteren.
1 Vechten tegen de woestijn
De precaire toestand van de boeren, in het bijzonder de rijsttelers, heeft diverse oorzaken. Een bzelangrijke oorzaak is het gebrek aan aangepaste financiële mechanismen zoals kredieten, beperkte mogelijkheden tot mechanisatie en de opeenvolgende beleidsmaatregelen inzake prijsliberaliseringen, handel, institutionele herstructureringen en investeringen. Ondervoeding, een gebrek aan drinkwater en de verspreiding van ziekten zoals hiv/aids maken de toestand vaak nog erger.
Burkina Faso produceert gemiddeld 100.000 ton ongepelde rijst per jaar, op een oppervlakte van 50.000 tot 60.000 hectare. De voorbije tien jaar bedroeg het rendement gemiddeld 1.350 kg per hectare. Bij bevloeide rijst kan dat oplopen tot 4.500 kg per hectare, of zelfs 6 tot zelfs 7 ton per hectare. In de gebieden waar men niet kan bevloeien, hangt het rendement zeer sterk af van de hoeveelheid regen. Op een aantal plaatsen worden dijkjes rondom de akkers gebouwd om het regenwater vast te houden. Maar dan nog hangt de opbrengst zeer sterk af van de hoeveelheid neerslag die er dat jaar al dan niet valt.
2 Opbotsen tegen liberalisering
Onder druk van de Wereldbank en het IMF werden in 1991de prijscontroles voor lokale producten afgeschaft. Voor de boeren betekende dat een vrije – en meestal hogere - prijs voor de aankoop van zaaigoed en meststoffen en een lagere verkoopprijs voor de geoogste rijst. Het plan dwong de Burkinese staat om zich terug te trekken uit de rijsthandel. De kwaliteitscontrole werd vereenvoudigd tot de allernoodzakelijkste gezondheidsregels. Zowel de invoer van als de handel in rijst werden volledig geprivatiseerd.
Het gros van de verhandeling en distributie van rijst in Burkina Faso is nu in handen van groothandelaren. Zij voeren veel rijst in en hebben verdeelcentra in de steden, vooral in de hoofdstad Ouagadougou. Ze beschikken over voldoende financiën om internationale handelstransacties uit te voeren, iets wat kleinhandelaren vaak niet kunnen. Ze voeren alle soorten rijst in: gebroken rijst, geparfumeerde rijst, voorgekookte rijst, enzovoort. Sommige invoerders verhandelen ook lokale rijst, maar de winstmarge daarop is kleiner en de bevoorrading minder regelmatig. Gezien ze over grote pakhuizen beschikken, blijft sommige rijst vrij lang opgestapeld liggen en wordt hij bijvoorbeeld pas na twee jaar op de markt gebracht. Hij heeft dan al veel van zijn smaak en voedingswaarde verloren.
Tussenhandelaren en kleinhandelaren in de steden verkopen meestal ingevoerde rijst. In de afgelegen dorpen hangt het af van de transportmogelijkheden. Een goede wegeninfrastructuur is voor boeren een mes dat langs twee kanten snijdt: het geeft de mogelijkheid om grotere hoeveelheden lokale rijst naar de stedelijke centra te brengen, maar de ingevoerde rijst kan ook de dorpen bereiken.
De consumenten, zowel in dorpen als in steden, verkiezen lokale rijst als het op kwaliteit aankomt. Hij is verser, smaakt lekkerder, heeft zijn voedingskwaliteit behouden en bevat praktisch geen bewaarmiddelen. De ingevoerde rijst heeft veel van die kwaliteiten niet of minder, maar is in de meeste gevallen veel goedkoper. Armere consumenten in de steden geven uit noodzaak de voorkeur aan de ingevoerde rijst.
Concurreren tegen reuzen
De grootste concurrentie voor de lokale rijst komt uit de Verenigde Staten en een aantal Aziatische landen.
Het ondersteuningsbeleid van de Verenigde Staten inzake rijstproductie in hun eigen land is flagrant in tegenspraak met hun pleidooi voor meer vrijhandel in de Wereldhandelsorganisatie (WTO).
De Amerikaanse rijstproducenten ontvangen drie soorten directe steun van hun regering: gegarandeerde prijzen, inkomensondersteuning en compensaties tegen prijsschommelingen. Meer dan een derde van de rijstproductie wordt uitgevoerd: in 2003 was dit 3,8 miljoen ton op een totale productie van 10,5 miljoen ton. Het landbouwbeleid van de VS stimuleert de export via twee instrumenten: ten eerste via een garantie voor exportkredieten, waarbij de Amerikaanse overheid de kosten van onbetaalde leningen van Amerikaanse exporteurs aan vreemde importeurs garandeert. Elk jaar wordt op die manier 15 tot 25% van de Amerikaanse export van ruwe of bewerkte granen gedekt door exportkredieten. In 2003 bedroegen deze kredieten voor rijst alleen al 184 miljoen dollar. Ten tweede gebruiken de VS ook voedselhulp als een vorm van rijstuitvoer. De Amerikaanse wet (Act PL 480) voorziet dat een van de expliciete doelstellingen van voedselhulp “het ontwikkelingen en verbreden van exportmarkten voor landbouwgrondstoffen van de Verenigde Staten” is. Inderdaad zien we dat in de periode 1997 tot 2002 de proportie van Amerikaanse rijst onder de vorm van voedselhulp steeg van 5 tot 11%.
Na een succesvolle verhoging van de productiviteit door aangepaste zaden en meststoffen in Thailand en Vietnam hadden beide landen grote overschotten rijst die ze konden uitvoeren. Daardoor werden ze zeer competitief. Ze stimuleren de productie ook met programma’s voor export. Deze bestaan onder meer uit het controleren van interne prijzen door de opslagcapaciteit te verhogen en bodemprijzen voor lokale productie vast te leggen. Ze verkopen vaak op krediet aan importeurs en hebben met diverse regeringen verdragen afgesloten voor de rijsthandel. Het gevolg is dat ze een dominante positie hebben op de internationale rijstmarkt. Rijst uit Thailand en Vietnam vindt zijn weg naar vele landen in Noord en Zuid.
In Burkina Faso wordt Thaise (gebroken) rijst verkocht aan 0,37 dollar per kg, terwijl de lokale rijst verkocht wordt aan 0,44 dollar. Deze cijfers geven de realiteit van de onderlinge concurrentie tussen grote (of rijke) en kleine (of armere) ontwikkelingslanden.
Lees meer over voedselzekerheid en onze politieke eisen in onze politieke brochure.
Lees ook de getuigenissen van Wim Schalenbourg en Heleen Neirynck die in Burkina Faso werken.
Onze resultaten
“Zonder Broederlijk Delen zou ik nog steeds in de mijn aan het werk zijn. Met hun hulp vond ik de moed om door te zetten en mijn diploma rechten te behalen.”
Lees het verhaal van Vidal in Peru
Van elke euro die je Broederlijk Delen schonk in 2010 ging 85,5 cent rechtstreeks naar onze doelstelling: zorgen dat mensen in het Zuiden hun eigen plannen waarmaken. Download het jaarverslag
