Bush: van oorlogspredikant tot vredestichter?
(25-01-2008)Amerikaans president George Bush bezocht van 9 tot 17 januari verschillende landen in het Midden-Oosten. Een missie die niet onopgemerkt voorbijging. Het voornaamste aandachtspunt leek het Israëlisch-Palestijns conflict. President Bush is vastberaden het zieltogende vredesproces uit het slop te trekken en verklaarde met stelligheid dat er vrede komt voor het einde van zijn ambtstermijn begin 2009. Hiervoor zal hij terugkomen naar de regio. Verschillende waarnemers speculeren dat zijn echte doelstelling minder vredesvol is. Het Amerikaanse staatshoofd zou steun willen losweken bij Israël en de Golfstaten voor de verdere isolatie van Iran, het fiasco van Irak naar de achtergrond verschuiven, en in een goed blaadje proberen te komen bij de olierijke staten om hen te overtuigen te investeren in de Verenigde Staten.
Wat er ook van zij, het is frappant dat president Bush voor het eerst het woord ´bezetting´ zo nadrukkelijk in de mond nam en erop aandrong dat die moet stoppen. Daarnaast haalde niet alleen hij, maar ook zijn staatssecretaris voor Buitenlandse Zaken, Condoleeza Rice, uit naar de nederzettingen. Meerbepaald de zogenaamd ´illegale buitenposten´ moesten het ontgelden, net zoals de uitbreiding van de nederzetting Har Homa in Oost-Jeruzalem. Uiteraard zijn alle Israëlische nederzettingen in Palestijns gebied illegaal volgens het internationaal recht, maar het is zeldzaam dat Amerikaanse beleidsmakers ze op de korrel nemen. President Bush benadrukte ook dat de toekomstige Palestijnse staat niet op Zwitserse kaas mag lijken. Ze moet bestaan uit aaneengesloten gebied en ze moet leefbaar zijn.
Is dit nogmaals een wijziging van het Amerikaanse Midden-Oostenbeleid? In 2004 veranderde president Bush immers van koers. In een brief aan Israëlisch ex-premier Sharon verklaarde hij dat de terugtrekking tot de grenzen van vóór 5 juni 1967, het begin van de bezetting, niet ´realistisch´ was en dat de terugkeer van de Palestijnse vluchtelingen naar Israël onmogelijk was omdat dit het voortbestaan van Israël als Joodse staat zou bedreigen. Bush doorbrak de consensus binnen de internationale gemeenschap dat Israël zich moet terugtrekken uit de volledige Palestijnse gebieden. Eén van de basisregels in het internationaal recht luidt immers dat de annexatie van land door middel van geweld illegaal is. Na deze zet brandmerkten de Palestijnen hem als de meest pro-Israëlische Amerikaanse president ooit. Het Israëlische establishment was dan weer gerustgesteld omdat Bush vrede en veiligheid voor Israël niet koppelde aan het opgeven van de grote nederzettingsblokken op de Westelijke Jordaanoever. Sindsdien bouwt Israël in versneld tempo voort aan de Muur die deze blokken bij Israël zal inlijven en breidt het dagelijks de nederzettingen verder uit.
In zijn recente bezoek aan Israël en de Palestijnse gebieden kwam Bush niet terug op deze beloftes. Hij sprak met veel vuur over de noodzaak van het oplossen van de kernproblemen: de grenzen, de nederzettingen, Jeruzalem en de Palestijnse vluchtelingen. Hij herhaalde de contouren van het vredesproces maar lichtte niet toe waar die grenzen moeten komen, welke nederzettingen er weg moeten, hoe hij de Palestijnse vluchtelingen wil compenseren, enzovoort. Beide partijen zouden pijnlijke toegevingen moeten doen. De vraag is hoe hij Israël hiertoe zal dwingen als hij geen concrete maatregelen treft om de nederzettingenexpansie te stoppen. En welke toegevingen zullen de Palestijnen moeten doen afgezien van het recht op terugkeer van de vluchtelingen naar hun oorspronkelijke woonhuizen in het huidige Israël? Het spreekt voor zich dat Israël als sterkste partij en bezettende macht het eerst over de brug moet komen en moet tonen dat het klaar is om een Palestijnse staat te aanvaarden. De Palestijnen aanvaardden de tweestatenoplossing reeds in 1988. Het mislukte vredesproces doet het geloof in de tweestatenoplossing echter afkalven en drijft hen in de armen van Hamas, en meer extremistische bewegingen.
In een onbewaakt moment verklapte president Bush op de Arabisch-Amerikaanse propagandazender Al-hurra (de vrijheid in het Arabisch) dat de contouren en de definitie van de Palestijnse staat er tegen 2009 zouden liggen. De invulling ervan zou gekoppeld worden aan een Routekaart. Dit lijkt een meer realistisch scenario. Dit betekent concreet dat er in 2008 niets verandert: zoals gewoonlijk zal er veel gepraat worden over vrede, en zal de situatie op het terrein steeds verslechteren. Want hoe kan er vrede komen als de bijna 600 checkpoints, volgens de Wereldbank het voornaamste obstakel voor de Palestijnse economie, niet worden verwijderd, als Israël dagelijks de Palestijnse gebieden binnenvalt, standrechterlijke executies uitvoert en de Palestijnse gewapende groeperingen vanuit de Gazastrook raketten op Israël afvuren? Voormalig speciaal Amerikaans gezant voor het vredesproces, Dennis Ross, gaf president Bush de raad om het haalbare voorop te stellen: de Israëlische en Palestijnse publieke opinie bewerken en de Palestijnse levensomstandigheden verbeteren.
President Bush moet de realiteit onder ogen zien en beseffen dat vrede een hol woord blijft voor de Palestijnen als hun dagelijkse leven nog verslechtert. Israëls collectieve bestraffing van de burgers in de Gazastrook ondermijnt alle mogelijke vredesinspanningen om de simpele reden dat de burgers er boeten voor de machtsovername van Hamas in juni en gedegradeerd wordt tot hulpbehoevende paupers. Bush rechtvaardigde de totale afgrendeling van de Gazastrook door te stellen dat ´Hamas niets dan ellende bracht´. Dit is kort door de bocht. Hamas moet inderdaad stoppen met het bemoedigen van geweld tegen Israël en Israëls bestaansrecht erkennen. Druk kan hierbij een optie zijn, net zoals dialoog. Maar het is niet zozeer Hamas die het leven van de burgers van de Gazastrook tot een hel maakt. Dat doet Israël. Ook al moet het als de bezettende macht volgens het internationaal recht instaan voor de veiligheid en het welzijn van de Palestijnse burgers. Sinds juni verbiedt Israël echter de invoer van commerciële goederen in de Gazastrook en verminderde het de benzinetoevoer en elektriciteit drastisch. Als gevolg hiervan sloten 3000 van de 4000 bedrijven hun deuren en zijn 80% van de inwoners afhankelijk van voedselhulp. Mocht president Bush hier oog voor hebben en het lot van de doorsnee Palestijn en Israëli willen verbeteren, dan zou hij een veel drastischere koerswijziging hebben doorgevoerd. Nu is zijn initiatief noch mossel, noch vis.
Brigitte Herremans, medewerker Midden-Oosten Broederlijk Delen-Pax Christi Vlaanderen

